22.3.06

[Kritiek - Kunst-en Cultuurkritiek] De ondraaglijke lichtheid van het kunstjournalistieke bestaan: 6. als de rook om je hoofd is verdwenen


De beschouwing van Hafkenscheid over de structuurbotsing tussen fotografie en journalistiek is moeilijk, maar interessant. Alleen heb ik het gevoel dat hij in zijn stuk zichzelf te veel probeert te overtuigen dat hij in de vorige interviews niet tekort geschoten is. Hij had bepaald zaken niet in de hand omdat hij onderhevig was aan de problematische botsing tussen journalistiek en fotografie, zo klinkt het bijna.

Ik ben er zeker van dat er obstakels geweest zijn die Hafkenscheid niet of niet zomaar had kunnen overwinnen, maar ik ben er nog meer van overtuigd dat hij in het interview met De Mey en Augustijns journalistiek tekort geschoten is. Ik ben daar in een vorige brief uitvoerig op ingegaan. Ik heb toen gewezen op een aantal zaken in de antwoorden van de fotografes die potentieel erg interessant waren, maar waar de interviewer blijkbaar niets mee gedaan heeft, tenzij – en hier moet ik natuurlijk voorzichtig blijven – de eindredacteur iets te voortvarend de schaar gezet heeft in het stuk en er cruciale informatie verdwenen is, al betwijfel ik dat.

Bepaalde inhouden hebben het publiek niet bereikt, niet omdat ze niet voor het publiek bestemd waren of niet konden worden overgebracht, maar omdat de interviewer ze verloren heeft laten gaan in de ruis van het – weinigzeggende – gesprek.


Kort nog even over de reactie van Marco Jacobs. Die is natuurlijk overtrokken. De man zou blij moeten zijn met het forum dat hij krijgt al betekent dat niet dat hij er zich slaafs aan moet onderwerpen. Het is gerechtvaardigd dat hij bepaalde eisen stelt aan een interview, maar het is aan de interviewer om op voorhand de spelregels uit te leggen van het medium waar hij voor werkt. Gaat de interviewee hiermee akkoord dan zijn de afspraken gemaakt en moet hij of zij daar niet plotseling op terugkomen. Maakt de journalist geen duidelijke afspraken of beslist hij zelf om zich niet aan de afspraken van de interviewee te houden, dan doet hij dat op eigen risico. Dan heeft zijn interviewee ook het volste recht om daartegen te protesteren, lijkt me.


De reeks over hedendaagse Belgische fotografie moet gewoon verder gezet worden, laat dat duidelijk zijn. En het liefst met fotografen die wel willen vertellen over hun werk, hun ideeën, hun persoon, hun kunst. Aan de journalist en interviewer in kwestie kan ik enkel nog zeggen: maak ze kenbaar en maak het hen vooral niet te gemakkelijk om zich te verstoppen. Hun kunst en de lezers hebben er weinig baat bij.

 
(eerder verschenen in Rekto:Verso, augustus 2004)


Posted by Arne S. to Kritiek - Kunst-en Cultuurkritiek at 3/22/2006 11:30:10 AM

0 Jij krijgt het laatste woord.: