ii. de anatomie van een zucht van verlichting
evolutie is wat ertoe leidt
dat een babykreet iets wordt
als "mama" of "multiplicatoreffect"of "Heil Hitler"
waarbij elkeen iets in beweging zet
om uiteindelijk tot hetzelfde resultaat te komen
gewoon. geniaal.
"alles wat normaal is, is extreem bijzonder. tot bewijs van het tegendeel."
arne schoenvuur
evolutie is wat ertoe leidt
dat een babykreet iets wordt
als "mama" of "multiplicatoreffect"of "Heil Hitler"
waarbij elkeen iets in beweging zet
om uiteindelijk tot hetzelfde resultaat te komen
ik zag hoe een man achter een vrouw aan holde
om haar de handtas terug te geven
die zij had laten hangen aan een stoel
in de bar waar zij even voordien
een koffie gedronken had.
nu vraag ik u
maakt zij vanavond frites of kroketjes klaar?
en speelt ze piano
met roze pluchenpantoffelkonijntjes aan haar voeten?
en nu u hier toch bent: wat is uw naam
en hoeveel weegt u
nadat u hebt uitgeademd?
Het zou wel eens de mooste daad van weerstand kunnen zijn: loslaten.
Het uit je handen laten glippen, terwijl.
En er op staan kijken, uiteraard
zonder ook maar iets te willen.
Je biedt niet aan, je houdt niet tegen.
Je bent hoogstens een bijverschijnsel.
Toevallig daar, nauwelijks van betekenis,
hoe men ook redeneert of zoekt
niet te ontkennen, in the picture.
Alsof je deel uitmaakt van een groter plan.
Je weet wel beter. Kriebels op papier
en dan een legende, een schaal, de drang
naar overzicht, ze kunnen je wat.
Hoe je met hun voeten speelt
schept bewondering
Als de achterkant van het heelal nog niet bestaat, dan moeten ze die nu uitvinden: de plek waar alles ongenadig eindigt, de hoek waar alle naden samenkomen, de tol van het streven naar perfectie, de steenpuist van God, precies waar hij zitten moet. Daar.
Dat is dan zestig cent. Dank u.
Iedereen komt hier op audiëntie, ongevraagd en naar believen. Zolang je maar je beurt afwacht is er geen probleem. De duur van het bezoek bepaal je zelf. De invulling die je eraan geeft ook. Daar bemoeit ze zich niet mee. Wereldleiders, teringlijders, iedereen is voor haar gelijk.
Dat is dan zestig cent. Dank u.
Het gaat hier niet over wereldschokkende zaken. Daar hebben ze buiten hun handen al vol mee. Het gaat hier over het hoogstnoodzakelijke, over de zaken waar in het openbare leven meestal over wordt gezwegen. Al worden er ook hier niet veel woorden aan vuil gemaakt.
Dat is dan zestig cent. Dank u.
We zijn bang geworden voor wie we zijn. Dat zie je zo. Ze haasten zich hier naartoe alsof hun leven ervan af hangt. En nadien kunnen ze niet rap genoeg weg zijn. Als het niet is om u van uw schoonste kant te laten zien, dan liever niet zeker? Niets menselijks is haar vreemd. Haar niet. Ons wel.
Zestig cent. Dank u.
Tl-licht laat niet veel aan de verbeelding over. Ze vraagt zich af of de Turken uit haar straat daarom zo van dat licht houden. Is het omdat ze willen blijven zien wie ze zijn, anders dan de rest? Of is het omdat ze zich niet door het leven willen laten misleiden? Dat er niet veel te lachen valt. Dat het niets anders is dan misérie. En dat de lelijkheid de mens toont dat er nog veel werk aan de winkel is. Nederigheid is geen overbodige luxe.
Zestig, ja zestig cent ja.
Haar discretie is wereldberoemd. Bij haar kan iedereen vrijuit spreken. Censuur of racisme zijn onbestaande. Als de democratie ooit uitgevonden is, dan is het wel daar, de heilige graal van de gelijkheid. Als ge u ooit afvraagt waar Martin Luther King zijn inspiratie vandaan heeft gehaald voor zijn ‘I have a dream that one day this nation will rise up and live out the true meaning of its creed: “We hold these truths to be self-evident: that all men are created equal.”‘ Stop met zoeken. Yes we can? Yes indeed.
Zestig cent. Dank u.
Aan het einde van de dag gaat ook zij naar huis. Eerst alle sporen zorgvuldig uitwissen, bril schoonmaken en dan het licht uit. Paleis op slot en grendel. Haar spataders verraden dat ze zich zorgen maakt. "Stinkmadam!" Onverstoorbaar strompelt ze verder, het kruispunt over. Straks springt het licht op rood. Ook voor haar kent de logica geen genade. Het is beginnen te regenen. Ze heeft geen regenjas, geen paraplu. Ze heeft geen kleren, geen huid, geen lichaam, geen reden van bestaan. Ze loopt voorbij een zwerver. Hij heeft haar herkend en steekt zijn hand uit. Zestig cent. Alstublieft.
Ze kijkt hem aan.
Aprés moi, le déluge.
Soms wil ik mijn thee uitdrinken en zeggen:
"Ik stop ermee. Ik word clown."
Maar het moeilijkste
aan clown worden,
zo heb ik na al die jaren theedrinken geleerd,
is beginnen. Het circus, het publiek, de schmink,
het licht, de truukjes, neus en schoenen,
daar ligt het niet aan, dat groeit er wel aan
met de jaren.
Maar je moment kiezen, of beter,
het moment dat jou kiest
en dan weten dat het zover is
het herkennen als je in de spiegel kijkt
of beter,
als je een spiegel voorgehouden wordt
net op het moment
dat je woedend je kop
door de kamer hebt gekeild
nadat je wat thee gemorst had
op je kraaknette pak
en je vrouw je aankijkt met een blik van
"Ben je nu helemaal gek geworden?"
je het niet zeker weet of je nu
moet huilen of lachen.
