30.12.06

-adam -ussein

de vissen tussen je vezels de immerzachte streling van het water
nauwelijks haperend aan de tijding van een rottend herfstblad

alle richtingen geven aan dat alles vooruit gaat er bestaan geen files
als het erop aan komt om dood te gaan

de handen die je uit het water trekken kunnen nauwelijks een pen beroeren
een tak in het stof de schets van een ongekende kwadratuur wordt uitgewist
door de tot vervelens toe rondgehoste structuur van een band aan een al even verveelde
mercedes,

het portier linksachter valt straks uit de hengsels. één dode. niets meer, niets.

je zoekt je weg tussen de cellen door opperhuid lederhuid spier en zenuw je wortels
verliezen hun gevecht met het slib je hebt een orgasme – planten horen dat niet
te krijgen en toch –

je wordt terechtgesteld, ligt uit te drogen, weg te kwijnen van schaamte kon je wegkruipen
onder je eigen lichaam. kon je dat? een mens vraagt het zich wel eens af.

een landschap komt tot ontplooiing – je hebt een punt, je hebt een ander punt, je vergelijkt,
je ziet verandering en spreekt van ontwikkeling, je weet niet wat je zegt, als je maar
gesproken hebt, je houdt van zinvol,
voor de verandering

een tank rijdt voorbij, breekt een twijg, ja, die.

laat ik maar veronderstellen dat je dood bent, ja dank je, ik neem het wel over hier, foutloze handen
van metaal en rubber persen je lichaam samen roten en rijten het dat het een lieve lust is
eros en thanatos gaan zo mooi samen, er is iets vleselijks in het persen van dode dingen
en iets vreselijks ook, zoals de gedachte dat ze tot leven komen.

je was om kwijt te raken, zo ver heen. en toch
ik zag je vandaag, bij aankomst thuis na vijf dagen Venetië – het doet er niet toe en net daarom –
op het scherm, de geur van versgebakken frieten waren me al vooruitgesneld
op weg naar een maaltijd die ik per abuis correct zou verachten

om de nek van een man met vele doden op zijn naam. wie hem zo zag had het nooit
geweten dus wat doet het ertoe? je zou je nog een keer op hem wreken, innig, volstrekt.

toen ik het zag, had je het al gedaan, maar toch, je stond daar nog op het punt te en

hij was onschuldig aan je lot. er is geschiedenis geschreven. je hebt geen geweten.
het wordt je vergeven. tot nu. laat het niet vergeten zijn.

en nog iets. zonder lichaam waant ieder zich god en kan ieder een ander tot god wanen.

dit is poëzie.

tot zover de laatste overweging.

21.12.06

in de vitrine op addictlab / in the spotlights on addictlab

Grafisch werk in de vitrine van addictlab.com
(gewoon naar beneden scrollen)
Addictlab vind je hier!

Graphics at addictlab.com
(scroll down until you find the Singer drawing)
Check it out!

18.12.06

congratulations: you are Time Magazine's Person of the Year

Congratulations! Oftewel, proficiat!
You (we?) did it.


I love it when people recognize talent when they see it.

9.12.06

frame works

We frame and reframe. We measure four by four
and then measure measure. And come back
to four by four.

The moment we stop measuring we lose
our frames and start

desintegrating
four

by four

30.11.06

Addendum 2: Hoe noodzakelijk zijn regels voor kritiek op het internet? Seth godin geeft blogles

En nu we toch met lijstjes bezig zijn

Seth Godin geeft 56 bruikbare tips over hoe je meer bezoekers kunt krijgen op je blog.

Ik sla zowat de helft van zijn aanbevelingen in de wind.

http://sethgodin.typepad.com/seths_blog/2006/06/how_to_get_traf.html

seth rules.

Addendum1: Hoe noodzakelijk zijn regels voor kritiek op het internet? De tien geboden en verboden van een kunstcriticus

Anna Tilroe's tien geboden en verboden voor de kunstcriticus, zoals ze ook op de website van het VTI te vinden zijn.

Wat moet

  • goed en scherp kunnen kijken, denken en schrijven
  • helderheid en precisie nastreven
  • autonoom en onbevooroordeeld zijn t.o.v. het stuk / kunstwerk, maar ook t.o.v. het publiek en het medium
  • een persoonlijke visie ontwikkelen
  • een brede culturele, sociale en artistieke belangstelling hebben
  • kennis hebben van het vakgebied en het filosofische en theoretische discours
  • context en achtergrond geven aan het stuk / kunstwerk
  • respect betonen voor makers en betrokkenen
  • beseffen voor welk publiek en welk medium men schrijft
  • tot een oordeel komen, impliciet of expliciet maar altijd beargumenteerd.
Verboden is

  • anderen, ook vakgenoten, napraten
  • ijdel / zelfingenomen zijn
  • incrowd / kunstbonzen proberen te behagen
  • zich revancheren over rug van maker heen
  • zich tot de vakgenoten richten over het hoofd van het lezerspubliek heen
  • schrijven over dingen waar men niets of onvoldoende van af weet
  • jargon, ook in vakbladen
  • ego-tripperij
  • vertellen hoe het had moeten zijn / op de stoel van de maker gaan zitten
  • oordelen zonder argumenteren

Deze lijst is een bijlage bij dit essay over kritiek op het internet.


Hoe noodzakelijk zijn regels voor kritiek op het internet?

Dagelijks spuien wereldwijd honderdduizenden bloggers kritiek op zowat alles wat je maar kunt bedenken. Hoe waardevol is die kritiek? Social Bookmarkers zoals Digg.com zijn ervan overtuigd dat de massa zelf bepaalt welke kritieken waardevol zijn. Olie komt vanzelf bovendrijven. Maar klopt die stelling wel? Is het werkelijk overbodig om bloggers te confronteren met de vraag wat goede kritiek inhoudt?

Per dag zien ongeveer 175 000 weblogs het levenslicht, dat is ongeveer 2 blogs per seconde. In oktober van dit jaar stond de teller al op meer dan 57 miljoen.

Een groot deel van die blogs wordt gevuld met kritieken over de meest uiteenlopende onderwerpen. Het voordeel van een weblog is dat je niet meer aan een medium hoeft te bewijzen dat je een gekwalificeerd criticus bent of een ervaringsspecialist alvorens je aan het bekritiseren kunt slaan.

Iedereen (nou ja, bijna iedereen) heeft met andere woorden de mogelijkheid om een kritiek te uiten die wereldwijd gelezen, gezien of gehoord kan worden. Dat is een ongeziene democratische oefening, me dunkt.

Ik ben de laatste om te beweren dat het alleen de professionals zijn die relevante kritiek kunnen leveren. Daarvoor blog ik zelf al te lang en te graag. Maar wie onderscheid dan nog de goede van de slechte kritieken? En hoe vind je ooit nog relevante kritieken terug in dat gigantische informatiekluwen?

Bij social bookmarking sites zoals digg.com gelooft men sterk in het idee dat de massa volwassen en ontwikkeld genoeg is om kwalitatieve teksten te onderscheiden van rotzooi. Het systeem is bijzonder eenvoudig: plaats een tekst, al dan niet op je eigen site, hang er een paar labels aan en laat mensen stemmen of naar jou linken. Hoe meer stemmen of links, hoe hoger je op de referentielijst komt te staan en hoe groter je autoriteit wordt. Of om het met de woorden van de Digg-ontwerpers te zeggen:

“Digg is a user driven social content website. Ok, so what the heck does that mean? Well, everything on digg is submitted by the digg user community (that would be you). After you submit content, other digg users read your submission and digg what they like best. If your story rocks and receives enough diggs, it is promoted to the front page for the millions of digg visitors to see.” (http://digg.com/about)

Maar komen de beste critici werkelijk bovendrijven? En is het systeem van social bookmarking geen goedkoop excuus om slechte kritieken te schrijven?

Een goede criticus houdt zich aan bepaalde regels. Die komen in de eerste plaats de discussie en de kritiek ten goede komen. Professionele critici worden verondersteld die regels te kennen en ze in acht te nemen. De redacties van traditionele media eisen dit van hun mensen voor ze hen een publiek forum geven. Of dat in de praktijk nog altijd het geval is durf ik te betwijfelen.

In het beste geval hoeft een redactie dat niet te eisen en heeft de criticus zich deze regels zelf eigen gemaakt.

Op het web lijkt dat anders te zijn. Daar hoeft niemand met dat soort regels rekening te houden om de eenvoudige reden dat er niemand is die zegt dat je dat moet doen. Ze worden je als blogger niet aangeleerd en er is niemand die je verplicht om regels in acht te nemen voor je aan het bloggen kunt slaan.

Het is echter vals om te denken dat dit bevrijdend louter werkt. Door een gebrek aan de kritiek op de internetkritiek verzanden heel wat potentieel goede argumenten van professionele en niet-professionele critici in een slappe tekst nog voor eender welke social bookmarker of zoekmachine ze kan oppikken. Wat blijft er dan nog over van je outsidervoordeel (of insidervoordeel voor de ervaringsdeskundigen)?

Waar vind je zo’n regels? Kunstcritica Anna Tilroe geeft een mooie aanzet op de website van het Vlaams Theaterinstituut. (zie ook de volgende post).

Deze tien geboden en verboden zijn geen noodzakelijke voorwaarden om een tekst te publiceren of een commentaar te geven. Je blijft altijd de vrijheid behouden om op [submit query], [send], [post], [reageer!] of ik weet niet wat voor knoppen allemaal te klikken en je boodschap het www op te sturen.

De tien geboden en verboden van Tilroe kunnen wel van pas komen om het publieke debat, want daar draait het om, zo vruchtbaar mogelijk te maken door je argumenten zo goed mogelijk tot hun recht te laten komen.

Als we toch met z'n allen zo graag willen dat we goede critici worden - elk met onze stijl, elk met onze achtergrond en onze mogelijkheden - en als we willen dat onze opmerkingen gelezen en becommentarieerd worden, dan lijkt het me geen kwaad te kunnen om ons ook op het net af en toe af te vragen wat goede kritiek is, hoe we die kunnen schrijven en of wij die altijd moeten schrijven.

Het is te gemakkelijk om de verantwoordelijkheid af te schuiven op zoekmachines. Zij mogen geen excuus zijn om rotslechte kritieken te schrijven zonder degelijke argumenten, zonder onderbouwde visie, zonder respect voor je tegenstander of de maker van het product dat je bekritiseert.

Regels zoals die van Tilroe zijn geen absolute antwoorden. In het beste geval stemmen ze je blijvend tot nadenken over je visie en je teksten. Alleen op die manier kunnen ze je helpen om je kritiek sterker te maken dan die van eender welke professional.

En laat ze dan nog maar eens proberen om je argumenten te negeren.

Deze tekst kwam tot stand n.a.v. een discussie met Chris van Camp op de Ramblasblog van Klara.

Buffalo Will

Je ligt - witheet van woede - aan de grond genageld - in één stuk geslagen - om
de wonde.

Er was geen ontkomen aan. In het donkerste van de storm zou het licht je vinden.
Wie gaat er ook tijdens een onweer op een heuvel onder een boom staan?

Je bent een rund

een verdronken kalf op het droge, geboren met het water al aan je lippen
die na het zogen van de tepel nog nauwelijks het gras geproefd nu
in een verbaasde grijns gestold je mond een menselijke trek van verstomming geven

je vraagt je af, moet je iets zeggen om iets te betekenen?

Het weiland ligt er wat onwennig bij. Zelfs de ochtendbries
durft het laken nauwelijks op te schudden.

Mensen

te klein om te beseffen, gooien je achterop een truck. Eén van hen moppert:
dat de stroom toeristen snel zal opdrogen, dat we de pers moeten inlichten, dat ze het weten,

hij is dood. Er is niets bijzonders meer aan.

Ze zullen je opzetten, ergens in de giftshop, naast het vorige exemplaar, met van die glazen ogen.
(Geen snapshot zo treffend als dat van vannacht. Je was om in te lijsten.)

Het is zonde, zo’n lam in een bizonvel. En voor wie het wil geloven :
je bent je indianen gevolgd naar hun eeuwige jachtvelden.

Stil nu maar.

In het oosten komt de zon op.
Op een dag wordt alles anders.

Geen haan die ernaar kraait

via: GazzetteXtra

21.11.06

Nieuwe geluidsopnames verhoren Guantanamo

Nieuws op de Amerikaanse radiozender NPR: voor het eerst zijn er audiofragmenten vrijgegeven van de verhoren op Guantanamo.

Je kunt de fragmenten hier beluisteren:
http://www.npr.org/templates/story/story.php?storyId=6514923&ft=1&f=1001


Hadj Boudella en Mustafa Ait Idir

Het gaat om fragmenten uit de verhoren van Hadj Boudella en Mustafa Ait Idir. De opnames zijn gemaakt door het Amerikaanse leger en dateren van de herfst van 2004. Uit de ondervraging moest blijken of Boudella, Ait Idir en vier andere gevangenen nog steeds beschouwd moesten worden als "enemy combatant". Advocaten van de beklaagden wisten beslag te leggen op de tapes door zich te beroepen op de Freedom of Information Act.

Oppakken en wegwezen
De twee Algerijnen Boudella en Ait Idir woonden al 10 jaar in Joegoslavië toen ze kort na de aanslagen van 11 september voor het eerst werden gearesteerd, samen met nog vier andere mannen. De zes werden ervan verdacht een aanslag te hebben voorbereid tegen de Amerikaanse en Britse ambassades in Sarajevo. Een Bosnische rechter sprak hen echter vrij bij gebrek aan bewijzen.

Daarop werden de mannen prompt van de straat geplukt door Amerikaanse en Bosnische troepen en zonder boe of ba op een vliegtuig gezet naar Guantanamo Bay in Cuba. Het zou exact drie jaar duren vooraleer de mannen te horen kregen wat hen precies ten laste werd gelegd.

Schamele bewijslast
De bewijzen tegen Boudella en co zijn na meer dan vier jaar opsluiting nog altijd bijzonder dun. Het is voor de beklaagden ook erg moeilijk om zich te verdedigen tegen de zogenaamd harde bewijzen waarover leger en inlichtingendiensten zouden beschikken. Vaak gaat het om zogezegd geheime informatie waar de beklaagden weinig of geen details over krijgen, wat het moeilijk maakt om de argumenten van de aanklagers tegen te spreken.

Op de tapes is te horen hoe de beklaagden aanwijzingen geven aan hun ondervragers waar die getuigen kunnen vinden die hun onschuld kunnen bewijzen. Advocaten noch beklaagden weten wat het leger en de inlichtingendiensten met deze informatie aanvangen. "Mustafa, you shall be notified of the tribunal decision upon completion of the review of these proceedings by the convening authority in Washington, D.C.," is alles wat Air Idir te horen krijgt aan het einde van zijn ondervraging.

Vijf jaar weg van de wereld, zomaar
Ondertussen zijn we twee jaar verder. Ait Idir en Boudella blijven volgens de Amerikaanse overheid "enemy combatants", maar beide heren zijn tot op heden nog altijd niet in staat beschuldiging gesteld. In januari zullen beide heren precies vijf jaar opgesloten zitten in Guantanamo Bay.

De Tipton Three
Het verhaal van Ait Idir en Boudella komt overeen met dat van de Tipton Three, drie Britse moslimjongens, afkomstig uit de buurt van Tipton. De drie waren tijdens de invasie van de Amerikanen in Afganistan op bezoek in Pakistan. Eén van de jongemannen zou er gaan trouwen. De drie besloten een trip te maken naar het buurland om met hun eigen ogen te zien wat er allemaal gaande is. Wat begon als een jongensachtig avontuur, draait uit op een nachtmerrie.

Net wanneer ze terug naar Pakistan proberen te vluchten geraken ze verzeild tussen de Talibanstrijders. Niet veel later worden ze gevangen genomen door de Noordelijke Alliantie hen uiteindelijk zullen overleveren aan de Amerikaanse en Britse strijdkrachten. Tot hun afschuw behandelen die laatste hen niet als landgenoten, maar als hun grootste vijanden. Na een paar weken als honden behandeld te zijn, krijgen ze een zak over hun hoofd en worden ze zonder enige uitleg overgevlogen naar het beruchte kamp X-Ray op Guantanamo Bay. (foto's BBC)

De drie zullen uiteindelijk twee jaar opgesloten blijven. Ondertussen worden ze gemarteld en beschuldigd van terrorisme en sympathie voor Ossama Bin Laden. Ze zijn zogezegd formeel herkend tijdens een bijeenkomst in Pakistan waar ook Ossama Bin Laden de menigte heeft toegesproken. Uiteindelijk blijkt toch dat de jongens wel degelijk in Groot-Britannië waren op het moment van de feiten. Ze krijgen te horen dat alles berust op een misverstand. De Tipton Three mogen naar huis. Geen excuses, geen verdere uitleg.

Road to Guantanamo


Trailer: The Road to Guantanamo

Je kunt de volledige film ondertussen bekijken op YouTube (1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8).
Het lijkt me sterk dat dit legaal zou zijn. De DVD is wel al te huur. De release voor verkoop is gepland voor 7 december. Wil je hem al op voorhand bestellen, dan kan je dat
hier.

Het verhaal van de Tipton Three is meesterlijk verfilmd door Michael Winterbottom in zijn docudrama "The Road To Guantanamo". De film verscheen in de lente van dit jaar en heeft sindsdien al voor flink wat beroering gezorgd vanwege de openlijke kritiek op de Amerikaanse en Britse strijd tegen het moslimterrorisme. In maart werd de prent bekroond met een Zilveren Beer op het filmfestival van Berlijn.

Sensatie of inzicht
Ik de film pas onlangs gezien. Hij heeft me enorm aangegrepen. Achteraf voelde ik me misbruikt en bedrogen, ook al wist ik dat Bush en co gelogen hadden, ook al wist ik dat er gruwelijke dingen gebeurden op Guantanamo. Winterbottom is er echter in geslaagd om die gevangenen een gezicht te geven en om de stompzinnigheid en het gebrek aan inlevingsvermogen van het Amerikaanse leger pijnlijk precies in beeld te brengen.

Geschrokken van mijn eigen reactie begon ik me af te vragen of ik mijn verontwaardiging wel oprecht was. Was ze niet meer het resultaat van enkele filmische ingrepen? Wist ik al niet langer wat er gaande was in Guantanamo Bay? Had ik nu werkelijk een docudrama nodig om zo aangegrepen te worden door de feiten die zich daar hebben afgespeeld? En kan ik wel afgaan op die film om een oordeel te vellen over Guantanamo Bay? Zou ik, ook zonder de film, tot zo'n oordeel hebben kunnen komen?

Nu ik de NPR-fragmenten gehoord heb, weet ik zeker van wel. Ik weet ook dat de film van Winterbottom me oprecht heeft aangegrepen. De film van Winterbottom vertelt - zo bewijzen de fragmenten - een waarheid als een koe. De fictionele toevoegingen en de technische middelen die Winterbottom gebruikt om 'zijn' verhaal te vertellen, staan altijd ten dienste van dat verhaal. Ze verhelderen het, creëren een ruimte waarin het kan weerklinken, waarin je als kijker oog in oog komt te staan met die monsterachtige aberratie die Guantanamo Bay is.

Adorno en de monsterlijke machinaties van de rede
En toch moet ik weer denken aan Adorno en zijn instrumentalisering van de rede. "Road to Guantanamo" laat goed zien hoe angst de perfect geoliede geweldmachine overneemt die het Amerikaanse leger en de Amerikaanse inlichtingendiensten zijn. Het gruwelijke is dat nagenoeg alle schakels in die machine denken te weten wat ze aan het doen zijn. Ze kunnen het beredeneren binnen de context van de machine, binnen het kader van de strijd tegen terrorisme. Voor heel wat Amerikaanse soldaten - kijk naar de getuigenissen van de folteraars in Abu Graib - zijn hun handelingen en opvattingen in de eerste plaats logisch. Ze doen wat de rest doet en ze doen het in functie van de natie en de democratie.
"The only thing I know for certain is that these are bad people, and we look forward to working closely with the Blair government to deal with the issue."
(George W. Bush)

In werkelijkheid ligt de zaak net even anders. Want het is geen heldere redenering die de geweldreflex van de Amerikaanse samenleving stuurt, maar een primaire emotie en die is niet zomaar onder controle te krijgen. Alleen zo kun je verklaren dat de Amerikaanse samenleving in staat is om in naam van de democratie concentratiekampen te creëren, kampen die het ultieme symbool van de bescherming van de vrijheid zouden moeten zijn. En zeg niet dat de Amerikaanse intelligentia niet weet wat er in WO II gebeurd is bij de jodenvervolging. Desondanks zullen weer heel wat van de schakels, de gewone mensen die gewoon hun werk doen in dit wrede verhaal net als toen schouderophalend moeten zeggen: "I didn't know." Ich habe es nicht gewust. En het ergste is dat velen onder hen nog gelijk hebben ook.

17.11.06

Architecturaal dichten in Oscar Niemeyerstijl

123
deel 1 - deel 2 - deel 3
(naaldoog.gaatje in "utopia")
(c) angela detanico, rafael lain / arne schoenvuur


De afbeelding hierboven is het gedicht "naaldoog.gaatje" verbeeld in Utopia, een nieuwe digitale typeface van de Braziliaanse ontwerpers Angelo Detanico en Rafael Lain. Klik op deel 1 - deel 2 - deel 3 om het gedicht op ware grootte te zien.

Op hun website http://www.detanicolain.com/ omschrijven ze hun lettertype als volgt:

"digital typeface that portrays the mixture between the modernist architecture of Oscar Niemeyer and informal occupation of the urban space that shapes major Brazilian cities"



Dankzij dit lettertype kun je je teksten herscheppen in een Oscar Niemeyerachtig landschap. Had jij ook ambitie als architect? Schrijven maar!

Via: BLDGBLOG

14.11.06

vliegende varkentjes


Gewoonlijk betekent "when pigs fly" nooit of te nimmer. Maar in Californië hebben ze sinds kort last van vliegende bevroren varkens.

Kijk zelf maar.

via: neatorama

Cut the Crap (de versneden versie)

Voor E., de allerfijnste Amsterdamse boekendame.

Je staat op, loopt naar je boekenkast,
schuift een paar klassiekers opzij.

Mooie, gave ruggen, statig gestrekt. Anarchie
in het keurslijf van een boekenkast.

De veelgelezen exemplaren heb je weggegooid. Zonde
van de aantekeningen.

Je hand reikt in het schemerduister
en haalt een vergeeld exemplaar tevoorschijn.
Het is een western met evenveel stof tussen de bladzijden
als tussen de kleren van je held
na afloop van zijn levensgevaarlijke tocht door de canyons.

Je ruikt
de weeë geur van ontluchte spanning.
Het papier versterft nog eerder dan dat je held zijn laatste adem
uitblaast.

Een schittering. Even ben je verblind door de avondzon.

Haar bladen blikkeren.
Ze staat op scherp.
Geluidloos schuift ze haar benen over elkaar, dicht
en weer open, dicht, open, dicht, open

Je hebt geen idee hoe dit gaat eindigen.
Ze vinden elkaar, nagenoeg
in het midden van het verhaal. Nu
gaat het gebeuren.

Je leest snel nog enkele zinnen. Er waait wat zand op
in je hoofd, maar nergens
bespeur je de paarden, nergens
weergalmen de pistoolschoten, het oewaoewataaltje van de roodhuiden,
alles is geel, bespokt met suffig zwarte letters,
een font met holsters dat zich vastrijdt
in de flanken van een halfvermolmd paard.

Probeer daar nog eens iets van te maken.
Schrijlings zet ze zich over de pagina.
Hij biedt nauwelijks weerstand.

Het verhaal valt in honderd spiegelende blikken uit
een. Een caleidoscoop van letters, een kristal
van verhaalstof geslepen glas dat zich naar buiten plooit.

Ogen komen lezers komen herinneringen tekort.

Klaar.

Een laatste klik,
de terugslag van de knop,
teruggespoeld, ter plaatse rust.

Stof en as
tot wederkeren geblazen. Eén held
staat nog overeind. Hij kijkt je doordringend aan.

Je mist het kijkgat, je mist de doos,
de natuurlijke biotoop van een kartonnen wereld.
Je trekt een foto, schept een raam, je hebt een verhaal.

Je voelt je betrapt.

Wat je denkt, je hebt leven nodig. Adem.
En toch.

Je bent er als de dood voor om te blazen.

(c) Thomas Allen, Bookend, 2004


Meer over Allen hier, hier en hier

13.11.06

Cut the crap (aka boekje open boekje toe)

Voor E. Die kleine lieve boekenmeid in Amsterdam. Gelukkige verjaardag. Maar er een boekmooi jaar van.

Je staat op, loopt naar je boekenkast, schuift een paar klassiekers opzij. Mooie, gave ruggen, statig gestrekt. Anarchie in het keurslijf van een boekenkast. De veelgelezen exemplaren heb je weggegooid. Zonde van de aantekeningen.

Je hand reikt in het schemerduister en haalt een vergeeld exemplaar tevoorschijn. Het is een western met evenveel stof tussen de bladzijden als tussen de kleren van je held na zijn levensgevaarlijke tocht door de canyons. Je ruikt de weeë geur van ontluchte spanning. Het papier versterft nog eerder dan dat je held zijn laatste adem uitblaast.

Een schittering. Even ben je verblind door de avondzon.

Haar bladen blikkeren. Ze staat op scherp. Geluidloos schuift ze haar benen over elkaar, dicht en weer open, dicht, open, dicht, open. Je hebt geen idee hoe dit gaat eindigen.

Ze vinden elkaar, nagenoeg in het midden van het verhaal. Nu gaat het gebeuren.

Je leest snel nog enkele zinnen. Er waait wat zand op in je hoofd, maar nergens bespeur je de paarden, nergens weergalmen de pistoolschoten, het oewaoewataaltje van de roodhuiden, alles is geel, bespokt met suffig zwarte letters, een font met holsters dat zich vastrijdt in de flanken van een halfvermolmd paard. Probeer daar nog eens iets van te maken.

Schrijlings zet ze zich over de pagina. Hij biedt nauwelijks weerstand.

Het verhaal valt in honderd spiegelende blikken uiteen. Een kaleidoscoop van letters, een kristal van verhaalstof geslepen glas dat zich naar buiten plooit. Ogen komen lezers komen herinneringen tekort.

Klaar.

Een laatste klik, de terugslag van de knop, teruggespoeld, ter plaatse rust. Stof en as tot wederkeren geblazen. Eén held staat nog overeind. Hij kijkt je doordringend aan.

Je mist het kijkgat, je mist de doos, de natuurlijke biotoop van een kartonnen wereld. Je trekt een foto, schept een raam, je hebt een verhaal. Je voelt je betrapt.

Wat je denkt, je hebt leven nodig. Adem. En toch.

Je bent er als de dood voor om te blazen.

(c) Thomas Allen, Bookend, 2004


Meer over Allen hier, hier en hier

Andere fijne boekversnijders zijn Su Blackwell en Abelardo Morell. Die laatste heeft een erg verfijnde cutup versie gemaakt van Alice in Wonderland.

(c) Abelardo Morell, Down the Rabbit-Hole, 1998

destructiemarketing ook voor dichters?

Alles moet eraan geloven, behalve het product zelf. Dat is de essentie van wat je noemt "destructiemarketing", aka survival of the toughest.

Herinner jij je nog de post over het blenderfilmpje en thuisterrorisme? Dat filmpje is afkomstig van deze website http://www.willitblend.com/. Met de doldwaze experimenten van hun keukenversie van Dr. Victor Frankenstein wil blenderproducent Blendtec aantonen hoe sterk hun toestellen wel zijn. V for victor?

Ik vermoed dat we stilaan van een trend kunnen spreken, want ook Nike vernielt er ondertussen lustig op los met hun nieuwe Juice 312 golfballen http://www.nike.com/nikegolf/juiceball/.

Iemand enig idee hoe je zoiets maakt voor poëzie (of proza)?

Voorstel: "Dichter: laat zien welke destructieve invloed jouw gedicht op de omgeving heeft!" Voorstellen kunnen gepost worden op arne.schoenvuur (at) gmail.com.

Tip: zoek tijdig dekking.

PS: voor de liefhebbers, deze jongens kunnen er ook wat van.

10.11.06

retrograde realiteitsspin

Het is rederijkerstalent. Het is knap. Het is één van de Zilveren Leeuwen op het jongste festival van Cannes. Het is briljant. Het is wat ik als copywriter ook wil maken.

Category: Public Awareness Messages
Title: TRUTH
Advertiser: RECREAR
Product or Service: POLITICAL MESSAGE
Entrant Company, City: SAVAGLIO\TBWA, Buenos Aires
Country: ARGENTINA
Advertising Agency City: SAVAGLIO\TBWA, Buenos Aires
Country: ARGENTINA
Creative Director: Ernesto Savaglio
Copywriter: Ernesto Savaglio - Alexis Alvarez
Art Director: Pablo Carrera
Agency Producer: Eduardo Suárez
Production Company, City: AWARDS CINE, Buenos Aires
Country: ARGENTINA
Director: Jojó/Bosco
Producer: Fernando Rambo Damiano
Editor: Awards Cine
Music: Fernando Sorín
Account Supervisor: Ricardo Martino/Diego Campos Galante

7.11.06

Domi-(no)-ciel

In Japan - ja pa niet elders - zijn ze ondertussen helemaal wild van domino. Niet dat ze vrolijk zwarte steentjes met witte stipjes aan elkaar leggen (of witte met zwarte stipjes of andere varianten). Het vrolijke volkje van de rijzende zon (en de horizonogen) gaat helemaal plat voor de actie-reactie-variant. Eén steentje valt om en zet een hele reeks andere steentjes in beweging.

Niets aan zou je denken en dat dachten de Japanners ook. Maar wat als je nu eens een domino maakt met allerlei spullen uit je huis, wordt het dan niet VEEEEEEEL leuker?

In Japan davert iedere woning nu op zijn grondvesten. Aardbevingen? Niets van! Na de cd's, de dvd's, de video's, de pizza-dozen, gamedozen, gezelschapsspellen, boeken, platen, placemats en aanverwanten beginnen de Japanners nu ook kasten, boksballen, fitnesstoestellen, surf- en strijkplanken en zelfs gyprokwanden in het parcours te steken. Ik weet niet waar dit gaat eindigen, maar zolang ze de eifeltoren niet gebruiken om het atomium uit elkaar te knikkeren zodat Big Ben in de plas valt en een tsunami het vrijheidsbeeld van haar sokkel zwiept die op haar beurt de empirestatebuilding tegen de vlakte werkt, vind ik het wel kunnen. Wat denk jij?

In Amerika is de rage ondertussen ook al doorgebroken. Fatboy Slim, hij weer, heeft voor zijn nieuwste videoclip zijn huis omgeturnd tot een domiciel (domi-ciel?) dominoparadijs.

De clip is - bij wijze van reclamestunt - opgenomen met verschillende Nokia N93 multimediacomputers. Regisseur Gary Oldman maakte eerder ook al een filmpje met het toestel. Zo'n dominoclip biedt echter gigantisch veel mogelijkheden voor product-placement. Is het je opgevallen hoeveel monopoly-spelen Fatboy Slim in huis heeft (en hoe gaaf die er nog uitzien)?

Vanwaar die interesse voor domino bij de Japanners en de magere jongen met zijn vette beats? Aardbevingen! In Japan zijn ze bijzonder gefrustreerd dat er tegenwoordig niets meer instort of omvalt wanneer de aarde schudt. Waar is zo'n aardbeving anders goed voor? Ik durf er overigens mijn kop op te verwedden dat Slim in San Francisco woont. Ja inderdaad, net boven de befaamde San-Andreasbreuk.

Ondertussen laat ik "You've Come A Long Way" in de cd-speler glijden en jaag het aantal volumestreepjes alvast flink de hoogte in. 01:00:00 play.

"Right here, right now" Shake it baby! Tot we erbij neer-, nee, omvallen.

(via: Contagious)

6.11.06

naaldoog . gaatje

sneeuw op het museumraam . je vinger
neemt je mee

op sleeptouw
langs een eentonig vraaggesprek

het wit staat je tegen het zwart
is wat je binnen hoort

te zien

(adem)

je gaat op een welbepaalde afstand staan
en leest

aan de andere kant

- tegen het raam -

verdwijnt een rug in de wereld
terwijl hij aan jou verschijnt

je wil geen kaartje kopen

ongepast en zonder omweg
eerst naar buiten komen

.

je vinger wijst haar gaatje aan

3.11.06

Martelen doe je toch gewoon thuis?

Het heeft niets met Halloween te maken, maar ik denk dat ik spoken zie.




Bij het zien van deze reclamespot ...




... kon ik me namelijk niet van de indruk ontdoen dat dit een gecodeerde boodschap is om het martelen tot iets huiselijks te maken.

Niemand die weliswaar nog opschrikt wanneer je vertelt dat je een bom kunt maken met wat je in de doorsnee keuken vindt. Google er maar op los. Niemand die zelfs nog opkijkt wanneer dat soort springtuigen afgaat. De kans is trouwens groot dat ik door deze post op één of andere zwarte lijst beland, ook al zit hier geen luchtje aan (althans geen brandluchtje). Terwijl ik dit schrijf, heb ik het gevoel alsof ik naar een spionagesatelliet sta te zwaaien.

Terug naar het blenderspotje. Ik dacht dat een blender diende om eten te vermalen (of flauwe reclamespots te maken), maar wat deze vriendelijke heer hier doet, kun je bezwaarlijk smakelijk noemen (al ligt dat misschien meer aan de heer dan aan wat hij met de blender doet). Dit lijkt meer op een instructiefilmpje voor een selfmade martelofficier of SAW-specialist (I, II, III). Of als promo voor een cadeautje waar je Hannibal Lecter mee kunt plezieren bij zijn volgende verjaardag ("I'm having an old friend for dinner", weet je wel).





Als ik mijn moeder zo met een blender bezig had gezien - wij hadden een keukenrobot, maar dit geheel terzijde - dan had ik me wel twee keer bedacht voor ik haar had tegengesproken. Ik kan me ook best inbeelden hoe je met zo'n ding je vervelende broertje of zusje kunt afschrikken. Misschien heb ik te veel naar films als Mikey of Chucky gekeken en ben ik daarom nogal vatbaar voor dergelijke perfide gedachtengangen.

Maar ik vermoed dat de recente berichtgeving over The Military Commissions Act en de controversiële uitspraken van de Amerikaanse vice-president Dick Cheney er ook voor iets tussenzitten. Horrorsequels zijn overigens zelden angstaanjagender dan het origineel, maar de Military Commissions Act is zonder twijfel een waardige opvolger van de beruchte Patriot Act.

Om the little house on the prairie ('t is eens iets anders dan weltevree) overeind te houden heeft de Amerikaanse staat zichzelf officieel de toestemming gegeven om niet alleen een flinke corrigerende tik uit te delen (zeg maar een economische boycot of een bombardementje hier of daar), maar om opnieuw de regel (vraag maar aan je grootouders) of het bamboestokje uit te halen en stoute kinderen eens stevig over de riem te halen wanneer dat nodig zou blijken. Om de huiselijke vrede te bewaren (tot ver in hun "backyard").






Daarom durf ik er mijn kop op te verwedden dat de neocons achter het blender-spotje zitten. De boodschap is overduidelijk "Even our blenders can destroy everything". Het zit hem in de kleine dingen. Voor je het weet krijg je dit soort rotzooi



en is het hek van de dam, of beter, het deksel van de blender.

Ik weet het, ik weet het, mensen die overal samenzweringen in zien, dat is oud nieuws (wikipedia, lijstje, samenzweringen in het algemeen, artikel in der spiegel, top 10 van 2002, paranoia samenzweringsmagazine). Régina Louf (aka X1) zal het niet graag horen. En het idee dat één of andere staatsgevaarlijke organisatie (soms de staat zelf) het leven van jan modaal (of mieke modalita) infiltreert is al jaren een geliefkoosd thema van filmmakers (PI, Arlington Road, The insider, en nog veel meer van dattum en minder anglo-saksisch dan dattum) en andere kunstenaars en entertainers. Voeg daar aan toe dat reclame altijd al een zweem van propaganda heeft gehad





(anti-semitisch propagandafilmpje WO II)

en je weet meteen waarom het zo gemakkelijk is om het "foute" blender-filmpje nog wat "fouter" te interpreteren.





(reclamefilmpje Radio Donna)

Het fundamentalisme van de democratie neemt steeds vreemdere, en vooral wrede vormen aan. Je kunt het voorlopig nog zo gek niet bedenken als het blender-filmpje, maar de waarheid heeft er al vaker vreemder uitgezien dan de fantasie. Dat merk ik iedere ochtend weer als ik in de spiegel kijk.

Truth is stranger than fiction, but it is because Fiction is obliged to stick to possibilities; Truth isn't. (Mark Twain)






(Bad Religion, Stranger than fiction)

31.10.06

Van Dale-reis 2

  • angejiddeld (Jiddische woorden (goed) gebruiken)
  • botryt (druivensteen)
  • comtoise (hangklok, slingerklok uit de Franche-Comté)
  • daalvlucht (vlucht waarbij de hoogte boven een bep. niveau afneemt <=> stijgvlucht)
  • extaticus (persoon die zich (herhaaldelijk) in een toestand van extase bevindt)
  • fabulant (iemand die fabels verzint of sprookjes vertelt / babbelaar)
  • gadood (plotselinge dood)
  • gadoop (het dopen in geval van sterfgevaar, door een niet-geestelijke, cf. nooddoop)
  • hellmanngetal (getal waarin de strengheid van winters wordt uitgedrukt, verkregen door van alle dagen in de periode november-maart met een gemiddelde temperatuur onder nul die temperaturen op te tellen en de min weg te laten)
  • iaën (balken van ezels, balken als een ezel)
  • jeile (jeiles/jeiling) (heibel, drukte, opstootje)
  • kokage (kooksel, spijs)
  • logonomie (de mate waarin een rechter zich laat leiden door de wet)
  • muisdicht (zo dicht dat er geen muis door kan)
  • nieteling (mens als een nietig wezen, onbeduidend mens)
  • operabel (geopereerd kunnen worden / (m.i. familie van het bommelding)
  • pestratel (door pestlijders gebruikte ratel)
  • quadratrix (kromme lijn gevonden door de sofist Hippias van Elis (vijfde eeuw v.Chr.) en door hem toegepast bij de trisectie van de hoek en de kwadratuur van de cirkel (ik begrijp het volkomen, en u?))
  • raskolniken (of roskolniken, naam die de Russische kerk geeft aan de leden van alle sekten die zich van de kerk hebben afgescheiden, scheurmakers, ketters)
  • semiologie (symptomatologie / semiotiek / leer van de interpretatie van het oudste notenschrift)
  • towelette (in eau de cologne gedrenkt tissuetje)
  • uitbuien (ten einde buien (niet in de 1e of 2e persoon) / het weer of het had eindelijk uitgebuid / de buien hielden ten slotte op / (figuurlijk) de rust keerde eindelijk weer)
  • vaanstaart (langharige staart / (jachtterm) hond met een vaanstaart)
  • wielmuis (computermuis met een wieltje aan de bovenzijde waaraan men kan draaien om te scrollen e.d.)
  • xystus ((bij de Grieken) lange gang, waarin de atleten zich oefenden / (bij de Romeinen) schaduwrijke laan voor de zuilengang van een landhuis / (in de middeleeuwen) lang kruisgewelf van kloosters)
  • yamashita (sprong aan het paard, met overslag uit de handstand)
  • zaagmolm (fijn zaagsel)

(afbeeldingen: quadratrix)

30.10.06

Lijkenpikken (naar Wachten in Wupperthal)

Op De Contrabas is Neerlandicus Yves T'Sjoen begonnen aan een merkwaardig tweeslachtig literair reisverslag. Daarbij hanteert T'Sjoen twee diametraal tegenovergestelde blikken. Hij kijkt, tuurt, staart naar poëzie die hem aangrijpt om vervolgens zijn blik naar binnen te richten en te bestuderen wat die teksten met hem doen. Al bij zijn eerste essay (over de Auschwitz-gedichten van Pernath) voel je een aanstekelijk, nauwelijks te bedwingen enthousiasme.

Het stuk zelf houdt het midden tussen een dagboek, een reisverhaal en een impressionistisch schilderij. Bent u een beetje "puzzled"? Ik was het alvast ook. Meer nog, ik was geïrriteerd en geïntrigeerd tegelijkertijd. Niet in het minst door de verzen van Pernath. De literaire lijkenpikker die ik ben, heb ik twee verzen uit het essay gesneden. Ik heb ze gekauwd, geproefd (gesmaakt!) en ingeslikt.

Wat u hier vindt, is een verslag van het verteringsproces.

"Verwaarloosd kwam ik tot leven
In deze velden van de onnoemelijke dood"

Hugues C. Pernath - Auschwitzgedichten (nr 2)

Het verlangen om de menselijk noblesse oblige waar te maken, is meteen ook de kern van de ironie van diens bestaan. Want verwaarloosd betekent achtergelaten, overbodig of – om het Frans nog even vast te houden – quantité néglibable. Het oordeel is al geveld voor het besef komt. Valt hier nog iets goed te maken?

De uitroep van Pernath gaat gepaard met een schuldvraag, een bijna exhibitionistische zelfdissectie van een docent die langzaam zichzelf ontleedt voor het oog van zijn studenten. Wie is hiervoor verantwoordelijk, wie heeft aan mij verzaakt? Hoe meer het vel opengetrokken wordt, hoe groter de hoop ingewanden op de operatietafel, hoe harder deze vragen klinken.

Door zichzelf te ontleden impliceert de dichter dat hij vermoedt dat hij zelf de meeste verantwoordelijkheid draagt voor zijn onvolkomenheden. Het devies van Alexander Pope indachtig (“know then thyself, presume not god to scan, the proper study of mankind is man”) houdt hij god zo lang mogelijk buiten, probeert hij zijn eigenwaarde te vergroten door te bewijzen dat hij zichzelf ten gronde kan analyseren.

Tegelijk herleidt de dichter hier in één vers de geboorte tot metafoor van de verwerping. Ontstaan is afgescheiden worden, is gelost en verstoten worden. De geboorte confronteert de dichter met zijn identiteit, zijn egoconcentrische eenheid die slechts eenmaal zal zijn. Er spreekt een verlangen uit om in diezelfde eenheid deel uit te maken van een groter geheel, van datgene wat hem voortgebracht heeft.

Maar veel sterker nog dan het heimat-verlangen weerklinkt de kille galm van angst. Pernath heeft schrik, hij vreest het moment waarop hij diasporisch zal verdwijnen, waarop hij letterlijk uiteenvalt in stof, talloze naamloze partikels die nooit meer tot hem te herleiden zijn. Niet onnoembaar, maar onnaambaar, niet meer in één naam te nemen.

Het zou een dichter tot rust moeten brengen, hem troost bieden dat zijn naam uitwaaiert. Maar hij kan niet ontkomen aan de morbide keerzijde van die bevrijding, aan de absoluut verpletterende onverschilligheid waarmee zijn werk zich presenteert wanneer de identiteit van de dichter al lang vervlogen zal zijn. De bergen tanden, brilletjes, haren van Auschwitz-slachtoffers vertellen net hetzelfde.

29.10.06

wat doe je met je laatste? 2.0

strakgetrokken stembanden
wapperende trommelvliezen
wat meegaand neushaar
dat aarzelend, schuldig haast
terugplooit uit het voetlicht

na de laatste noot

gedwongen sluit je de oren
ook aan je blik is met geen touw
nog iets vast te knopen

niemand om te merken
hoe een kraai tegen het raam opvliegt
een vergissing van het moment
’s ochtends had je het nog openstaan

en bij het ontbijt gezien
hoe de melk zich tussen de ontbijtgranen
een weg zocht, naar de melk, naar boven
toe

naar de rand van de blauwe kom

één druppel net over de rand
baant zich een weg
vrijglijdend
naar één van de vele nerven in de tafel
en verdwijnt in het hout

ontbindend tot.

- hij had je kunnen afleiden -

er is een hele keuken
om hem toe te juichen
maar alles heeft zich al
afgewend. iedere hap

kraakt het in je hoofd
wij blijven op het punt staan

tot.

het is een edele vorm
van pesten

26.10.06

wat doe je met je laatste?

strakgetrokken stembanden, wapperende trommelvliezen,
wat meegaand neushaar dat aarzelend, schuldig haast, naar je terugkeert
na de laatste noot

je sluit noodgedwongen de oren
en ook aan je blik is met geen touw
nog iets vast te knopen

er is niemand om te merken hoe een kraai
tegen het raam opvliegt, een vergissing van het moment
’s ochtends had je het raam nog openstaan

en bij het ontbijt gezien hoe de melk zich tussen de ontbijtgranen
een weg zocht, naar de melk, naar boven toe,
naar de rand van de blauwe kom

hoe één druppel aan de rand zich een weg baant
vrijglijdend naar één van de vele nerven in de tafel
en verdwijnt in het hout

ontbindend tot.

- hij had je kunnen afleiden -

er is een hele keuken om hem toe te juichen
maar alles heeft zich al afgewend. iedere hap

kraakt het in je hoofd
wij blijven op het punt staan

tot.

het is een edele vorm
van pesten

24.10.06

Hij komt van een Van Dale reis terug

"Eerst was er het woord"

Tss, het zal wel.

Maar terwijl ik door de Van Dale struin, krijg ik - ondanks m'n eigen scepsis - toch een gelijkaardige indruk. Achter ieder woord verschijnt er een object, een handeling, een situatie, een wereld.

Lukraak kies ik per letter één of meerdere woorden die ik niet ken, waarvan ik niet weet wat ze precies betekenen of waarvan ik gewoon vind dat ze mooi klinken.

W.F. Hermans beschreef de post-moderne levensconditie als een vorm van strandjutten. Het had iets zieligs, het drukte een zeker onmacht uit, dat bijeenscharrelen van de dingen. Maar dit is helemaal anders. Van Dale-reizen is heerlijk. Wat een verborgen schatten, wat een wereld vind je hier.

Je voelt de letterlijkjes in beweging komen, je ziet je taal opnieuw gebeuren. Telkens opnieuw wordt er iets geschapen in je hoofd. Je ziet dingen in je dichtgecementeerde kop die je vaak nog nooit in het echt hebt gezien, maar waarvan het woord alleen al je al vertelt, je al laat voelen, zien, horen en ruiken dat ze er zijn.

Het is bezigheidstherapie met een vleugje exotisme. Alsof je voor het eerst te voet door een stad loopt die je wel min of meer kent, maar waarvan je nu pas gaandeweg ontdekt hoe de straten met elkaar verbonden zijn. Columbus die Amerika ontdekt in een woordenboek.


  • aficiado (fan, bewonderaar)
  • binnenbeensspelen (geslachtsgemeenschap hebben)
  • caballero (heer, ridder, ruiter)
  • dijkzool (grondslag waarop een dijk gebouwd is)
  • dijktalud (weg bovenop de dijk)
  • exsiccator (toestel voor chemische droging)
  • facoscoop (apparaat om de ooglens te onderzoeken)
  • gaapschelp (geslacht van schelpdieren waarvan de schelp aan één zijde of aan beide zijden sterk gaapt)
  • hoofdbrandwacht
  • honingverf (verf met honing als bindmiddel)
  • ideomotorisch (van bewegingen) onwillekeurig gemaakt wanneer men ze zich levendig voorstelt)
  • ideografie (schrift waarin geen klank-, maar begriptekens worden gebruikt (zoals in het Chinees en in het hiërogliefenschrift / uitdrukking van een idee)
  • ideoplastisch (waarbij organische stof zich vervormt onder invloed van psychische krachten, bv. de stigmatisatie)
  • jutten (stranddieverij)
  • juut (scheldnaam voor politieagent, vermoedelijk naar het vroegere fluitje)
  • kaag (meestal omdijkt stuk buitendijks land, o.a. in plaatsnamen als ‘de Kaag’, smal laag dijkje om een gors / platboomd, binnenlands vaartuig met zwaarden, een enkele schuine mast en een halve boegspriet; het voerde een sprietzeil en één of twee fokken, en diende o.a. als lichter)
  • laarzenbeen (hout dat in een laars past en waarop men het fatsoen eraan geeft / been in laars)
  • microtrauma (erg kleine kwetsuur)
  • nijverheidsonderneming
  • nyala (zekere, vrij zeldzame soort van antilope in Zuid- en Midden-Afrika / koedoe)
  • nyctalopie (dagblindheid) (<=> hemeralopie (nachtblindheid))
  • oblatie (toewijding aan een orde zonder geloften, als oblaat / offerande + bijbehorende gebeden)
  • paardenwik (of paardenboon: een landbouwras van de peulvrucht van de vlinderbloemenfamilie, waartoe ook de tuinboon behoort / paardenvijg)
  • queenie (damesschoen met puntneus, slanke leest en lage, dunne hak)
  • riemer (arbeider die turf of kurken riemt)
  • riemen (over de scheerriem halen / met een riem vastbinden / in riemen of stroken snijden)
  • strabisme (scheelzien)
  • strabant (lastig, brutaal / hevig, krachtig)
  • treerad (rad met sporten of schoepen, in beweging gebracht door erop te treden)
  • uitmoeren (moer of veen graven uit / uitkafferen, uitfoeteren)
  • vaaggrond (weinig door bodemvorming veranderde grond)
  • waterwederik (moeraswederik of moeraswolfsklauw)
  • xeniën (geschenken die door gastheren aan hun gasten werden uitgereikt / hekelende puntdichten)
  • yuppieziekte (verschijnsel dat jonge ambitieuze mensen lijden aan een chronische vermoeidheid (myalgische encefalomyelitis))
  • zydeco (volksmuziek van Franstalige Amerikanen langs de Mississippi, sterk geïnspireerd door de Amerikaanse blues en de Franse musettemuziek)

Van Dale rules!

16.10.06

Dove-reclame is postmodern. Stranden in het zicht van de werkelijkheid.

(via: branddna)

Perceptie. Enkele jaren geleden was het nog hét politieke stopwoordje. Vandaag is het alweer vervangen door, tja, u zegt het maar.

Die perceptie-hype had iets postmoderns, maar postmodern was ze niet. Het ging eerder om een doorgeschoten symptoom van het postmoderne idee dat je naast de history evengoed een herstory had en dat beiden evenwaardig naast elkaar konden bestaan, met elk hun eigen waarheden.

Dat alles perceptie is, kun je moeilijk een postmoderne gedachte te noemen. Het postmodernisme gebruikte het idee van de evenwaardige percepties om aan te tonen dat de grote verhalen niet het alleenrecht hadden op "de waarheid" of "de werkelijkheid". Zaken als chaos en hypercomplexiteit moesten opnieuw een intellectueel bestaansrecht krijgen, zonder in nihilisme te vervallen welteverstaan. Want, was het met dat onoverzichtelijke geheel aan gelijkwaardige mogelijkheden niet zo dat nu plotseling alles te rechtvaardigen viel? Had het nog zin om een mening te hebben? Kon je nog een mening hebben?

Niet iedere mening is waardeloos. Wat ik van het postmodernisme (en vooral haar literatuur) onthouden heb, is dat je je eigen waarneming nog kritischer gaat bevragen dan voorheen, dat zaken als "nooit" en "altijd" even sterfelijk zijn als de mensen die ze gebruiken. Wanneer je een padstelling tegenkomt, is er altijd nog de hoop dat je eruit kunt geraken door een ander te raadplegen. Het postmodernisme als sociale ideologie? Het zou kunnen.

Maar die bevrijdende, hoopgevende kracht van "perceptie" kan evengoed gebruikt worden om je het zwijgen op te leggen.

Alle meningen mogen dan wel gelijk zijn, maar "ik ben ouder", "wij zijn met meer", "ik ben een specialist", "wij hebben meer ervaring", en dus heb ik gelijk. Of nog: "je hoeft er niet zo zwaar aan te tillen" en "het lijkt erger dan het is". En de ergste dooddoener: "het is een kwestie van perceptie, we denken eigenlijk hetzelfde". All opinions are equal, but some...

In een wereld van absolute vrijheid, speelt de macht van het getal vaak een grotere rol dan we willen toegeven. Hij/zij met de meeste volgelingen, de meeste stemmen, de grootste oplage, het sterkste verkoopscijfer, krijgt het gelijk aan zijn of haar kant. Het zou "per definitie" democratisch kunnen zijn, maar of het intellectueel eerlijk is, is een andere vraag.

"Perceptie" is een voordehandliggende excuustruus om meningen te herleiden tot sociaal gebabbel, geroezemoes. Gericht luisteren is daarmee in één klap overbodig gemaakt. Chaos is niets meer dan een berg rommel en hypercomplexiteit is een vorm van overbodige wildgroei.

In plaats van de wereld te tonen zoals ze is, zijnde een plaats van onneindig veel mogelijkheden, wordt ze gereduceerd tot het doembeeld van een plek die overwoekerd zal worden door onkruid, vernietigd zal worden door termieten of kapotgegroeid door kanker. Tenzij... tenzij er naar die "ene" stem geluisterd wordt die de chaos en de wildgroei onder controle kan krijgen. Pure retoriek. Het is spelen met percepties, het is hetzelfde maar dan anders.

Dove dan. Het cosmeticamerk maakte vorig jaar al komaf met het klassieke schoonheidsideaal in de reclamewereld. Schoonheid op maat van mensen, dat was de toekomst. Echt helemaal "web 2.0". De consument moet je product naar believen kunnen "pimpen", kunnen aanpassen naar zijn of haar smaak, naar zijn of haar levensstijl. Het product moet een verlengstuk zijn van de identiteit van de gebruiker. Schoonheid op maat van de gebruiker? Dove laat anderen je eigen schoonheid zien, niet de onbereikbare schoonheid van één of ander fotomodel. Geniaal, het kan niet persoonlijker. En tegelijkertijd toch zo banaal. Just do it. Idem en ook wereldklasse.

Wat is schoonheid dan? Schoonheid is geen vorm van perfectie, maar het vooruitzicht van perfectie dat strandt in het zicht van de werkelijkheid.

Perceptie.

Maar dan één die de wereld maakbaarder maakt, draaglijker ook. Het doet je hopen op beter. Het doet je ogen en oren telkens opnieuw opengaan.

Geloof me vrij, "je weet echt niet wat je ziet"

12.10.06

randgevallen

“Hij vreesde de zomer op het land, alleen in het kleine huis met de dienstbode die het eten voor hem kookte, en de huisknecht die het opdiende; vreesde de vertrouwde aanblik van de bergtoppen en – wanden die zijn ontevreden traagheid weer zouden omringen.”

De dood in Venetië, Thomas Mann.


Iedere ochtend kruip je halfslaperig onder de lakens uit. Je laat je onderbenen van het bed zakken, schrikt van de eerste aanraking met de koude vloer. Er zit eelt op je voetzolen. Dat maakt het leven draaglijker.

Half voorovergebogen zit je op de rand van het bed, je zoekt het juiste ritme van je adem, laat je longen alvast op de feiten vooruitlopen. Terwijl buiten de aanwezigheid door alsmaar groter wordende scheuren, kieren en barsten naar binnen lekt blijft het hier nog even leeg.

Hoofd op de ellebogen. Je staart naar de rode betonvloer tussen je voeten en je tenen. Er komt een dag dat alles vloeibaar wordt, weet je.

Je besluit op te staan.

Met een kordate beweging schuif je het gordijn opzij. Misnoegd over zoveel onwrikbaarheid verraad je nog liever je schuilplaats dan te wachten tot alles implodeert en je vanzelf naar buiten gestuwd wordt. Het licht laat de gelegenheid niet onbenut om zich meester te maken van je kamer. Het overzicht is genadeloos. Ieder beetje houvast maakt je kwetsbaar. Er komt bloed uit de wijsvinger van je rechterhand. Opengehaald aan de muur. Kutgordijn.

“Op een dag is alles anders.”

De letters op het raam verdwijnen even snel als ze gekomen zijn. Vanmiddag zullen het enkel nog vieze vlekken zijn.

Aan de overkant van de straat zie je hoe iemand snel een gordijn dichttrekt. Een vroege fietser werpt je een boze blik toe voor hij verder fietst. Koud. Het glas duwt zachtjes tegen je penis. Je geniet. Je denkt: hou van me. Laat iets me toch omhelzen.

Ze denken dat je gek bent. Je buurvrouw met haar brede heupen en haar onverantwoord geile kont. Ze heeft cystes op haar eierstokken en kan geen kinderen krijgen. Je ouders, van wie je weet dat je moet houden, maar waarvan je beseft dat je het niet kan. Het jonge koppel dat de andere kant woont – hij accountant bij een groot bedrijf, zij huisvrouw (ze doet het met de postbode) – houdt angstvallig hun kinderen binnen als ze weten dat ik thuis ben.

Je weet niet wat je mist.

Iemand heeft een kauw doen landen op de vensterbank. Of het dier je aankijkt? Valt moeilijk te zeggen. De glazige oogjes spiegelen je blik. Dit is de ultieme blik voor iedere psycholoog. Dring daar maar eens in door.

Waarom kijken naar elkaar? Hier is geen eten. Jij hebt geen honger. Kauw staart naar naakte man achter raam op novemberochtend. Het is overbodig. Iemand weet beter.

De vogel heeft het begrepen, wipt tot aan de rand van de vensterbalk, draait zijn kop nog een laatste keer en laat zich vallen. Je sluit je ogen.

Het is pas op de richel, net voor je valt dat je weet wat evenwicht is.

Het begint zachtjes te regenen.

11.10.06

De hemelse hel van het Andere

Kunst en cultuur zijn altijd een kwestie van dankzij en ondanks. Zonder subsidies zou er nog steeds kunst gemaakt worden. Maar van een deel van de kunstwerken die we nu hebben kun je rustig zeggen dat ze zonder subsidies nooit gerealiseerd zouden zijn.

Wat moet je met zo’n vaststelling?

Gelukkig zijn, denk ik.

Die cultuursubsidies bevestigen dat onze samenleving en haar beleidsmensen grosso modo inzien dat we nood hebben aan kunst en cultuur en dat hun bestaansrecht gevrijwaard moet worden.

We geloven blijkbaar dat we met structurele financiële steun aan culturele instellingen en kunstenaars (denk maar aan projectsubsidies en schrijfbeurzen) ‘betere’ en ‘professionelere’ kunst kunnen realiseren, iets wat de gemeenschap op de één of andere manier ooit wel eens ten goede zal komen.

Dat ‘ooit’ is noodzakelijk. Het legt de evaluatie van de resultaatsverbintenis ergens op oneindig, ergens in de toekomst. Dat ‘ooit’ is wat kunst onlosmakelijk verbindt met ‘hoop’.

Jammer genoeg maakt geld vooral ongeduldig en worden die hoop en dat ‘ooit’ gereduceerd tot resultaatsverbintenissen die veel sneller geëvalueerd worden, zeg maar om de vier jaar, om de twee jaar of zelfs dagelijks (door critici, politici, toeschouwers,…).

Wie van kunstenaars verwacht dat ze met hun werk maatschappelijke problemen ‘nu’ oplossen, ontzegt de kunst eveneens haar hoopgevende karakter. Kunst is niet, maar wordt, ondanks de vorm en de tijdelijkheid van de kunstwerken zelf. Het lijkt me geen toeval dat KBC, één van onze grootste banken, enkele jaren geleden de imperatiefvorm ‘word’ als slogan koos voor één van haar campagnes.

Kan kunst een oplossing bieden voor de huidige maatschappelijke problemen? ‘De grootste uitdaging voor een filosoof is om het probleem zo te omschrijven dat die omschrijving een oplossing toelaat.’ Het zijn niet mijn woorden, maar die van de Britse filosoof Bertrand Russell. Kun je, Russell indachtig, een maatschappelijk probleem zo omschrijven dat je een kunstwerk vindt dat jouw probleem ‘oplost’? En als je dat niet vindt, schort er dan niet iets aan de omschrijving van je probleem? Kun je überhaupt problemen verzinnen waar kunstwerken een oplossing voor zijn?

In plaats van problemen op te lossen voegt kunst er iets aan toe. Het opent nieuwe perspectieven, houdt de verbeelding en de werkelijkheid levendig in plaats van hen te laten vastlopen in allerlei patstellingen. Kunstenaars gunnen mensen en hun problemen weer de tijd en de ruimte om te veranderen.

Eén van de meest verstikkende patstellingen van onze samenleving is de overtuiging dat er voor ieder probleem een definitieve oplossing bestaat, een oplossing die hier en nu kan toegepast worden. Wordt ze niet toegepast, dan kan je het maatschappelijke probleem in kwestie niet oplossen.

Iedereen acht zich tegenwoordig verstandig genoeg om ‘assessments’ te maken, om problemen te kunnen vaststellen en die te beschrijven. Ik ben nog bereid om dat te geloven. Het is absoluut niet moeilijk om te zien dat niet alles loopt zoals het zou moeten lopen. Evenveel mensen geloven ook dat, wanneer ze een probleem kunnen vaststellen en analyseren, ze meteen een kant en klare oplossing hebben én dat die oplossing de enige werkbare is. Waarom? Omdat het logische oplossingen lijken.

Logische oplossingen hebben één nadeel, namelijk dat ze te statisch zijn. Spijtig genoeg zijn maatschappelijke problemen geen statische dingen zoals optelsommen waarvan je weet dat a+b altijd c zal zijn, ook wanneer je morgen die som opnieuw wil oplossen.

Wie maatschappelijke (/menselijke) problemen wil aanpakken, moet rekening houden met aspect ‘tijd’. Op het ogenblik dat je namelijk een probleem hebt vastgesteld waar mensen bij betrokken zijn, is dat probleem in de werkelijkheid alweer veranderd. Je maatschappij is voortdurend in beweging. En omdat je beginsituatie meteen veranderd is, is je afgelijnde oplossing die gebaseerd is op je analyse even snel weer achterhaald.

Logische oplossingen kunnen enkel een richting aangeven, het kan enkel een aanzet zijn om een samenleving en haar mensen te stimuleren om een bepaalde weg af te leggen, om op weg te gaan naar een betere samenleving. Die weg gaat nooit in vogelvlucht van punt a naar b, maar kent vele omwegen. Er komen nieuwe mensen bij, er ontstaan nieuwe wegen, er komen nieuwe einddoelen, mensen gaan ondanks alles hun eigen weg.

Mensen hebben het nog altijd moeilijk om dat te aanvaarden, met alle gevolgen vandien. Kijk naar hoe mensen die van de vooropgestelde paden afweken tijdens de Tweede Wereldoorlog en later onder Stalin op de trein zijn gezet naar vernietigingskampen. Vluchtelingen worden vandaag verscheept in vliegtuigen naar het thuisland dat ze ontvlucht zijn. Andersdenkenden worden uit de openbaarheid verjaagd met een fatwah. Weer anderen worden met een oorlog op het ‘rechte’ pad gezet naar de democratie. Elders lopen mensen strak in de pas op een nauwkeurig uitgestippeld parcours wanneer ze langs hun grote leider defileren. Ze spreken met afgemeten woorden, een taal die gaat van a naar b.

En toch. Toch zie je dat er altijd opnieuw mensen zijn die ondanks alles de moed en de creativiteit hebben om een andere weg kiezen. Toch zie je dat mensen er keer op keer in slagen om ‘van het pad afwijken’, ondanks alle gruwelijke pogingen uit het verleden om maatschappelijke problemen linea recta en ‘nu’ op te lossen.

En laat het nu net kunst en cultuur zijn die mensen in beweging houden, die mensen een uitweg bieden. Kunst en cultuur gunnen ons ‘de tijd’ en ‘de ruimte’ om onze eigen weg te zoeken, om ondanks alles toch een andere – onze eigen? - richting uit te gaan.

Het zijn de kunst en cultuur die je helpen om te verdwalen, die je troost bieden en hoop en die je doen beseffen dat dit een wereld is waar bijlange na nog niet alles gekend is, wat Google, Wikipedia of CNN je ook mogen doen geloven.

L’enfer, c’est les autres. En het is er heerlijk vertoeven. Gelukkig maar.

Arne S.

‘If everyone is thinking alike, then somebody isn't thinking.’
George S. Patton

Een andere versie van deze tekst verscheen op Ramblasblog, als reactie op een column van Chris Van Camp.

6.10.06

Viral die anti-viral is omdat viral niet langer viral is

http://viralcartoon.blogspot.com/

Ik voel aan het gekriebel van mijn enige witte neushaar in mijn linkerneusgat dat er in deze viral een mooie politieke metafoor verborgen zit.

Plug-and-play zou ik zeggen. En nog iets met "eenvoud is..." maar ook dat laat ik aan jullie verbeelding over.

Gevonden bij Room 116

4.10.06

Couleur local met Titus De Voogdt alias Benny




Gentse Couleur Local met Titus De Voogdt

alias
Benny Vaneertbrugghen
Viral kiescampagne van sp.a-schepen Karin Temmerman

Vrie wais!

Geestig werk van de gasten van

Marc groet 's morgens zijn ONdingen. Over OVER-draagzaam zijn

Bad_tist merkte gisteren terecht op dat de 0110-organisatoren hun evenement niet hadden moeten organiseren op een week voor de verkiezingen als ze het geheel wilden vrijwaren van politieke connotatie. Tist heeft een punt, maar helemaal correct is die redenering niet.

Je kunt moeilijk ontkennen dat de manifestatie zich door de timing duidelijk tot de politiek richt en tot de mensen die de lokale politiek volgende week zaterdag grondig kunnen beïnvloeden (lees ook dit bericht). Ik heb hier al eerder iets over geschreven. Maar ik denk niet dat het evenement een andere connotatie had gekregen wanneer het op een ander moment had plaatsgehad. De tegenstelling verdraagzaam-onverdraagzaam is de afgelopen jaren zelf politiek geconnoteerd geraakt.

Een Janus-probleem

Wie daar de schuld voor draagt valt moeilijk uit te maken. Het Vlaams Blok en opvolger Vlaams Belang hebben duidelijk discriminerende en onverdraagzame taal gesproken waardoor het evident lijkt om te zeggen dat alles wat naar blanke xenofobie neigt Vlaams Belang-gedrag is. Niet echt correct, me dunkt.

De andere partijen hebben de bovengenoemde tegenstelling net zogoed gepolitiseerd en alle vormen van onverdraagzaamheid gestigmatiseerd tot Vlaams Belang-manieren. Minister van buitenlandse zaken Karel De Gucht (VLD) had er enkele maanden geleden niet beter op gevonden dan alle Vlaams Belangkiezers moreel verantwoordelijk te houden voor de moorden van Hans Van Temsche.

Door dat soort onzin is alles wat over verdraagzaamheid en onverdraagzaamheid gaat meteen gepolitiseerd en gesimplifieerd. Die situatie maakt de zaken paradoxaal genoeg niet eenvoudiger.

Die stigmatisering waar zowel het cordon als het fanatisme van de democratische partijen (kan je dit wel zeggen van fanatieke partijen?) en het Belang toe heeft bijgedragen, heeft ervoor gezorgd dat andere, subtielere vormen van onverdraagzaamheid onbesproken blijven.

Een schrale taal betekent een schrale wereld

Door de paniekerige retoriek waarmee het cordon sanitaire destijds is opgetrokken en de harde, sloganeske taal die alle betrokken partijen gehanteerd hebben tegenover elkaar is de taal die nauwkeuriger overeenstemt met de maatschappelijke werkelijkheid gevangen gezet. Of beter, ze is in ballingschap moeten gaan. Sinds het cordon kun je een aantal zaken gewoon niet meer zeggen, ook al zijn ze terecht.

Die schrale taal is niets minder dan een dwangbuis, een keurslijf waar alle betrokkenen de werkelijkheid proberen in te wringen. Hun onwezenlijke taalgebruik doet de werkelijkheid geweld aan door de zaken anders voor te stellen dan ze zijn.

Een goddeloze, machinale taal

Ik moet hier altijd denken aan wat Adorno schreef over de instrumentele rede. Hij heeft haarscherp geanalyseerd hoe de rede bewust een aantal blinde vlekken negeert, veelal uit angst om de autoriteit van het eigen denken, het eigen normen- en waardensysteem én de waarheidsclaim niet in gevaar te brengen.

Je kunt die blinde vlekken gemakkelijk vergelijken met taboes. Eén van de belangrijkste taboes in ons denken is geweld. De rationele, democratische samenleving talmt nog altijd om het geweld dat inherent is aan haar organisatie en haar denken recht in de ogen te kijken en eerlijk te onderzoeken.

Volgens Adorno redeneren we dat geweld dan instrumenteel weg. Kijk naar wat de Amerikanen aanvangen met het krediet van de zogezegd sterkste democratie ter wereld. Als we die taboes onvoldoende kennen bestaat het risico dat ze zulke sterke drijfveren worden dat we de gevolgen van hun instrumentalisering niet meer onder controle kunnen houden. Wie zomaar een oorlogsmachine in gang zet loopt het gevaar een kernreactie van geweld te veroorzaken (exponentieel ipv lineair). De Tweede Wereldoorlog is daar een pijnlijk voorbeeld van.

Het fundamentalisme van de democratie

Eerlijk gezegd geloof ik niet dat onze samenleving haar taboes al in de ogen gekeken heeft. Want wie van onze politici durft uit te leggen dat een samenleving onverdraagzaam moet zijn om te kunnen overleven. Dit klinkt cru, maar een samenleving moet bestand zijn tegen bepaalde vormen van verandering om aan alle betrokkenen de nodige levensruimte te kunnen blijven garanderen. Een democratie mag/moet/kan daar zeer fundamentalistisch in zijn. Hoezeer is zij zich hiervan bewust?

En alvorens zowel links, rechts, boven, onder, voor als achter moord en brand schreeuwt: dat is altijd zo geweest. De utopische democratische samenleving is altijd het meest nabij geweest voor een kleine minderheid omdat haar grenzen elders werden bevochten door een despoot, een leger, een muur, een grote hoeveelheid geld.

De termen verdraagzaam en onverdraagzaam zijn door de gebeurtenissen van de afgelopen vijftien jaar de woestijn in gestuurd. En het zal nog enkele jaren duren voor ze van hun pelgrimstocht terugkeren. Een terugkeer zal pas mogelijk zijn wanneer we op een gezonde manier kunnen verklaren dat zowel verdraagzaamheid als onverdraagzaamheid thuishoort in het democratische gedachtegoed.

Altijd maar praten? Altijd maar praten!

Communicatie blijft voor mij de enige uitweg, de enige mogelijke oplossing, ook al krijg ik emmers stront over me heen, ook al word ik scheef bekeken voor wat ik zeg, ik blijf spreken én luisteren. Mensen moeten zich broodnodig echt laten kennen.

Want zeg eens eerlijk, ken jij jezelf? En herken jij jezelf in wat politici zeggen of wat er in de pers geschreven wordt? Durf jij met je eigen woorden zeggen wat je denkt? Heb je het al eens geprobeerd zonder een ander klakkeloos na te praten?

En ken jij je buren nog? Ik weet een beetje wie mijn Bulgaarse overburen zijn, maar weten zij wie ik ben? Weten de Turkse of Marokkaanse jongeren bij ons in de buurt waar wij mee bezig zijn? Weten wij waar zij mee bezig zijn? "Wat we doen interesseert hen niet", hoorde ik onlangs nog van iemand die bij ons buurtwerk verricht. Waarom?(*)


Wat Anciaux en co ook mogen beweren, er wordt niet genoeg gecommuniceerd in onze samenleving. Er wordt teveel gebabbeld, teveel nagepraat. Er wordt geen kennis gemaakt. Er wordt geen sociale weerbaarheid opgebouwd. We kruipen terug in allerlei burchten, achter allerlei vooroordelen en met "we" bedoel ik IEDEREEN die aan deze samenleving deelneemt dus ook iedereen die denkt dat die samenleving niet verder reikt dan het volkse dorpscafé op de hoek of de beelden die via de schotelantenne of internetverbinding andere werelden bedrieglijk dichtbij brengen.

Ja, jouw wereld is groter dan je dorpsgrens en ja, je wereld begint tegelijkertijd met wat er voor je voordeur gebeurt.

Het lijkt me beter als we wat meer OVERDRAAGZAAM zouden zijn (en dan bedoel ik NIET in de zin van: laten we met z'n allen gaan "klikken").

Arne.

Terug omhoog

In de Gentse Sleepstraat kon je afgelopen zondag deelnemen een intercultureel feestmaal. Het feest werd georganiseerd door Resul Tapmaz en Getiat (de Gentse Organisatie van Turkse Ondernemingen). In een interview met de krant De Gentenaar zegt Tapmaz:

"Langs beide kanten zouden er heel veel problemen kunnen vermeden worden als men zich voldoende openstelt voor elkaar. Met dit initiatief willen we aan de niet-moslims zeggen: 'Jullie zijn ook welkom op onze feesten.'"

"Toegegeven, de 0110-concerten lokten misschien niet zoveel allochtonen. Ikzelf was er wel, maar ik denk dat we een positieve kritiek naar de integratieverenigingen moeten uitzenden door te stellen dat ze meer naar de allochtonen moeten toestappen en daadwerkelijk ook met hen praten.''

Tapmaz heeft gelijk, maar het zijn niet enkel de integratieverenigingen die naar de allochtonen moeten toestappen. Het is ook aan de allochtone gemeenschap om naar de autochtonen te stappen en om zich te informeren over of zelfs deel te nemen de alle activiteiten die andere gemeenschappen organiseren, om de voelsprieten wat meer uit te steken en te proeven van wat er om hen heen gebeurt.

Kleinere groepen, wijken, straten, buurten, buren, mensen persoonlijk uitnodigen om eens "langs te komen", om elkaar op straten en pleinen te ontmoeten en samen iets in elkaar te steken of om naar elkaars werk te komen kijken, daar begint dat OVERdraagzaam zijn, daar liggen de wortels voor het echte samenleven.

Binnenkort hoop ik op deze blog enkele reacties te kunnen plaatsen van mensen uit de buurt (buurtwerkers, buurtbewoners, jongeren, ouderen, ...).

2.10.06

Eén randopmerking nog...

Het verveelt me om het te zeggen, maar ik had gehoopt dat er in Gent wat meer jongeren van de allochtone gemeenschappen gemobiliseerd zouden zijn geweest of zich geroepen hadden gevoeld om aan het 0110-evenement deel te nemen.

Klopt deze opmerking?

Als iemand andere, volledigere informatie heeft hieromtrent, laat horen!

Blijde intrede op 0110 wordt politieke uitschuiver

De organisatoren van 0110 hadden vooraf uitdrukkelijk gevraagd aan politici om tijdens 0110 geen politieke propaganda te verspreiden. Dat was echter buiten Guy Verhofstadt en Freya Vandenbossche gerekend die op het festival in Gent een wel heel opvallende intrede maakten.

Dat de artiesten tijdens 0110 hun mening zouden geven gisteren was te voorzien. Zij hadden een podium gekregen. En wie naar de evenementen kwam afzakken of wie naar de live-uitzending keek, stemde ermee in dat zangers, zangeressen en andere muzikanten hen tot hun toehoorders mochten rekenen, zowel voor hun muziek als voor hun bindteksten. Geen van de artiesten heeft overigens – mede op vraag van de organisatoren – een echte politieke preek gehouden.

Letterlijk

Omdat 0110 in de eerste plaats een muziekfeest moest worden, was aan de politici gevraagd om zich niet nadrukkelijke te profileren tijdens de concerten bv. door het uitdelen van verkiezingsdrukwerk. Op de website van 0110 stond het zo:

“Omdat het evenement op 1 oktober plaatsvindt, een week voor de verkiezingen, willen we iedereen oproepen om géén verkiezingpropaganda te verspreiden in Brussel, Gent, Antwerpen of Charleroi tijdens de concerten. De organisatie hoopt dat de verdraagzame politici dit zullen respecteren. Er wordt niet gespeecht, niet betutteld, niet veroordeeld, iedereen is welkom! Zo vieren we de complexiteit van het leven met een simpel feest.” (http://www.0110.be/Nieuws/ > Nieuws > 14/09) Een duidelijke boodschap, maar niet voor iedereen, zo bleek.

Glijpartij

In Gent steeg er tijdens het concert van ’t Hof van Commerce plotseling gejoel op toen premier Verhofstadt himself door de middengang tussen het publiek naar het podium werd geëscorteerd met in zijn kielzog minister van begroting Freya Vandenbossche. Gretig zoomden de cameramensen in op wat in een fractie van een seconde omgeturnd werd in een slechte persiflage van een bezoek van de koning. U weet wel, met vlaggetjes en drummende oudjes en kinderen die allemaal een handje willen schudden met de vorst of een praatje willen maken.

Verhofstadt liep min of meer stoïcijns verder, maar Freya Vandenbossche liet zich de aandacht schaapachtig welgevallen en nam de uitgestoken handjes gretig in ontvangst.

Het was fijn om te zien dat het publiek in de buurt van de doorgang het allemaal zo licht opnam, maar wat Verhofstadt en Vandenbossche deden, kan niet door de beugel. Ook al waren ze enkel op weg naar de viptenten om de artiesten een hart onder de riem te steken, ze hadden dat minder opvallend kunnen doen, op een ander tijdsstip misschien. Nu hebben ze op zijn minst de indruk gewekt dat ze politieke munt wilden slaan uit het gebeuren.

De organisatoren van 0110 in Gent gaan overigens ook niet vrijuit. Zij hadden zich bewust moeten zijn van de mogelijke repercussies van de publiekelijke doortocht van Verhofstadt en Vandenbossche.

Het volk overstemmen

Politici zijn ook maar mensen. Je kunt er gif op innemen dat dit het antwoord zal zijn van de betrokkenen. Politici zijn inderdaad mensen en indien Verhofstadt en Vandenbossche zich hadden willen profileren "als al de andere mensen" , dan waren ze rustig tussen de massa gaan staan, hadden ze zich een beetje verdekt opgesteld. Het klinkt cru, maar als er bekende Vlaams Belangers tussen het publiek stonden, dan hebben die weer een argument om te zeggen dat zij zich weer niet boven het volk hebben geplaatst. Je kunt hen moeilijk ongelijk geven.

Ik ben de eerste om te zeggen dat je jezelf niet moet censureren voor het Belang, net zomin als je opera’s moet verbieden louter en alleen omdat Allah of Mohammed erin voorkomen. De boodschap van 0110 was op zich sterk genoeg. 0110 zou een evenement worden waar kunstenaars konden laten zien dat maatschappelijke verantwoordelijkheid niet alleen een zaak is van politici. De artistieke stem heeft een politiek gewicht, net zoals al die andere stemmen uit onze maatschappij. Dat wilde 0110 laten horen. Het was nu eens niet aan de politici om zich als voortrekkers te profileren. Het was aan de massa, het publiek, het (stem)volk om zich te tonen.

Dat Verhofstadt en Van den Bossche daar zonodig weer hun politici-snater tussen moesten slaan, is jammer. Het bewijst dat beiden niet begrepen hebben waar het hier om draait: niet om politici die tonen hoe ze dagelijks de held uithangen of artiesten die de show stelen en zich als dusdanig zouden profileren als de redders des vaderlands. 0110 draait om iedereen die het project mee op poten heeft gezet, om de artiesten en om het publiek, om mensen zoals u en ik die samen deze samenleving tot een samen-leving maken, dag in dag uit.

Ondanks die ene valse noot, blijft 0110 een schitterende lofzang op de intentie om te leven voor en met elkaar.

Arne S.