30.11.06

Buffalo Will

Je ligt - witheet van woede - aan de grond genageld - in één stuk geslagen - om
de wonde.

Er was geen ontkomen aan. In het donkerste van de storm zou het licht je vinden.
Wie gaat er ook tijdens een onweer op een heuvel onder een boom staan?

Je bent een rund

een verdronken kalf op het droge, geboren met het water al aan je lippen
die na het zogen van de tepel nog nauwelijks het gras geproefd nu
in een verbaasde grijns gestold je mond een menselijke trek van verstomming geven

je vraagt je af, moet je iets zeggen om iets te betekenen?

Het weiland ligt er wat onwennig bij. Zelfs de ochtendbries
durft het laken nauwelijks op te schudden.

Mensen

te klein om te beseffen, gooien je achterop een truck. Eén van hen moppert:
dat de stroom toeristen snel zal opdrogen, dat we de pers moeten inlichten, dat ze het weten,

hij is dood. Er is niets bijzonders meer aan.

Ze zullen je opzetten, ergens in de giftshop, naast het vorige exemplaar, met van die glazen ogen.
(Geen snapshot zo treffend als dat van vannacht. Je was om in te lijsten.)

Het is zonde, zo’n lam in een bizonvel. En voor wie het wil geloven :
je bent je indianen gevolgd naar hun eeuwige jachtvelden.

Stil nu maar.

In het oosten komt de zon op.
Op een dag wordt alles anders.

Geen haan die ernaar kraait

via: GazzetteXtra

0 Jij krijgt het laatste woord.: