15.5.21

Hoogteverschil

Hier
Is de lucht ijler
Weegt elke inspanning
Twee keer zwaarder
Kan ik met elke ademteug
Half zoveel
Dan jij

Vandaar dat wij
Nooit uitgepraat raken
Wij nergens samen
Aankomen, ik te traag
Jij te snel of ik al daar
Waar jij nog onderweg
Elkaar zo voorbij
Als jij nog maar net begonnen bent
Ben ik het einde al nabij
Waar we ook gaan

Hier
Is de lucht altijd ijler
Voor mij
Valt slechts 
Half zoveel te halen
Ik word moe
Van al dat wegen
Wat kan er nog van af
Wat mag er nog bij
Wie is de moeite waard
Om bij te houden
Of om te laten gaan

Wie geef ik op
Om net genoeg 
Te blijven geven
Om mezelf
Om net genoeg
Te kunnen geven
Om iemand
Die om mij geeft
Zoals jij?

9.5.21

Tempus fugit

Wij laten hen zo
Achter

Met de beste wil
Van de wereld

Kunnen zij
Ons niet bijhouden

Gebonden
Als ze zijn
Aan één enkele plek

Laten zij ons
Zo achter

Wij kunnen hen
Niet bijhouden

Wanneer zij
Nog bloeien

Zijn wij
Al lang

Voltooid
Vervlogen tijd.

8.5.21

Schimmel

Nog voor het zaadje kiemt
Zijn zij al uitgelopen
In de bodem voorgekropen
Op zoek naar waar het verdient
Om tot ontspruiten te komen
Niemand die hen ooit zal zien
Men denkt: wortels, stam, kruin
Zo zijn bomen, toch
Zou er zonder hen
Nooit iets van al wat bloeit
Ter wereld komen
Zij die met zachte hand
Zelfs de hardste rotsen 
Weten te vertederen
Tot land
Om tot leven te komen.

6.5.21

Acte de présence



Een spiegeltje, een bus met haarlak
Een kam om onstuimige haren
Steeds minder
Te bedaren waren we
In Hollywood
Je had een hele trailer
Maar hier
Hou je het 
Bij een bruinlederen schoudertas
Meer heb je niet nodig
Om hier en nu
(Of daar en dan
Het is je om het even)
Te worden wie je zijn wil
Werkelijk alles en iedereen
Breng je in een oogwenk tot leven
En als het doek valt
(Valt het doek ooit?)
Maak je een buiging
Dat laatste niet meer zo diep als vroeger
Er zit meer zwierigheid
In je lach dan in je heupen
En leg je elke ander
Te rusten, liefdevol
En dankbaar voor wat die jou
Heeft gegeven
Zachtjes op de bodem
Van je bruinlederen tas
Op een dag zal iemand 
Jou daar vinden
Waar bleef je toch?
En dan pas
Dan pas zal men weten
Hoe mooi je was, hoe mooi
Gewoon, gewoon
Zoals je was.



Voor Jo.

5.5.21

Kringwinkelgeluk

Mij loop je nog het liefst tegen het lijf
In een winkel voor spullen
Met een tweede, derde, vierde leven
Dat zet namelijk perfect de toon
Voor wat ik je te bieden heb
Wat ik je wel en niet kan geven
Niets aan mij is voor altijd
Noch voor eeuwig
Ik ben in een voortdurende staat
Van voorbij gaan
Van op het punt staan
Het hier of daar ooit eens te begeven
Maar nu nog niet
Ik kan gerust nog een tijdje met je mee
Geven, je aanpassen
Hoort nu eenmaal bij het leven
En als het goed zit
Past jouw leven 
Zich ook wat aan aan mij
Een beetje rommel
Ruimt op, en wat licht gehavend is
Geeft standing aan de finesse
Van mensen en meubels die hem omgeven
En om hem geven
Voor het geld hoef je me alvast niet
Te laten, als het tussen ons
Toch niet meer zou klikken
Sta ik zo weer op straat
Zo makkelijk als je me kunt krijgen
Zo eenvoudig is het
Om me weer weg te geven
Maar wil je me houden
Voor het leven
Dan sta ik voor je klaar
Wees dan teder
Met onze tijd
Stoffeer me met elke dag
Met nieuwe herinneringen
Ook al ben je ze liever kwijt
Dan rijk
Ik zal ze steeds met liefde voor je dragen
En zachtjes slijten
Tot geborgen
En genegenheid.