5.9.06

[Kritiek - Kunst-en Cultuurkritiek] Steve Irwin = Timothy Treadwell in 120 se...

Crocodile Hunter Steve Irwin, Grizzly Man Timothy Treadwell en Antonin Artaud hebben iets gemeen. Ze zijn enkele van de bekendste slachtoffers van fictie. U zei? Ja fictie.


Gisteren was het één van de hoofdpunten in het nieuws: Steve Irwin is dood. De man - beter bekend als Australiës enige echte Crocodile Hunter - kreeg op 4 september 2006 de pijlstaart van een gelijknamige rog door zijn hart geboord. En dat terwijl hij rond het Great Barrier Reef beelden aan het maken was voor een documentaire.

Beetje wreed, die natuur. Irwin had de afgelopen jaren gedanst en gedold met krokodillen alsof het zijn rugbymaatjes waren. Dat klopt niet helemaal. Irwin kende het gevaar dat in die beesten schuilde, maar hij verfijnde de grenzen, probeerde ze beter te leren kennen. Daar schuilt altijd een risico in, hoe goed je die beesten ook kent. 't Is een beetje als met haaien. Die zijn lang niet allemaal gevaarlijk voor de mens, maar wie heeft zin om dat uit te vlooien? Het moet maar een keer misgaan en dan is het voorgoed gedaan. Allemaal oud nieuws, dat soort praatjes. Dat weet toch iedereen? Iedereen?

Tijdens een heruitzending van het laatavondjournaal op de BBC passeerde een select clubje bevoorrechte getuigen de revue, onder hen de Australische premier Howard, enkele vrienden die hem de grootste natuurliefhebber aller tijden noemden en ook een tegenstander, een wetenschapper vermoed ik. Die laatste vond het logisch dat Irwin op die manier aan zijn einde gekomen was: je kunt de natuur niet blijven tarten, zo klonk het.

Nogal ongenuanceerd, die bewering. Irwin had toch maar mooi al die jaren aan paaldansen en moddercatch gedaan met die krokodillen zonder dat er iets is gebeurd. Irwin kende zijn grenzen. En toch. Die uitgebreide kennis over krokodillen en hun moedertje Natuur was blijkbaar niet genoeg om het duikongeval van 4 september te vermijden. In de montage van de BBC-redactie werd de criticaster overigens meteen gecounterd door een vriend die beklemtoonde dat er geen grotere natuurvriend was dan Steve. Vooral dat laatste bevestigde mijn vermoeden: dit heb ik al eerder gezien.

Die reportage van hooguit twee minuten had net zo goed een samenvatting kunnen zijn van het leven van Timothy Treadwell, de Grizzly Man. Treadwell trok begin jaren '90 naar Katmai National Park in Alaska om er de grizzlies te bestuderen en te beschermen. Treadwell, een fantast die heel wat symptomen vertoont van grootheidswaanzin, geloofde dat zijn vrienden - later wordt het zijn familie - systematisch vervolgd werden.

Treadwell was geobsedeerd door de beren en leefde als een kluizenaar in het wildpark. Zijn kennis van de dieren was erg groot. Hij verzamelde honderden uren videomateriaal en stapels aantekeningen tot hij en zijn vriendin op 5 oktober 2003 werden opgevreten door een oude, uitgehongerde beer. Die hard with a vengeance...

Filmmaker Werner Herzog raakte geïntrigeerd door het tragische verhaal van Treadwell. Hij ploeterde door de vele uren beeldmateriaal en sprak met vrienden, specialisten en bevoorrechte getuigen. Het resultaat is net zo ontluisterend als boeiend.

In zijn film Grizzly Man zet Herzog een portret neer van een man die de fictie rond zijn eigen persoon zo groot maakte dat hij naar een uithoek moest vluchten om zijn wereld in stand te kunnen houden. Treadwell was op zijn zachtst gezegd sociaal gehandycapt.

Maar de beren, die begrepen hem gelukkig wel, net zoals de vossejongen die met hem optrokken. Het openingsshot van de film is veelzeggend. Twee grizzlies staan rustig te grazen terwijl Treadwells stem het beeld becommentarieert. Het is net een gekke oom die op een zomerdag twee tantes filmt die achterin de tuin liggen te zonnen. Het lijkt allemaal pijs en vree, een huiselijk sfeertje. Alleen, het zijn geen tantes en het is geen tuintje in een of andere tuinwijk, het zijn grizzlies in een reusachtig, woest natuurpark in Alaska.

Het verhaal van Treadwell vertoont opvallend veel gelijkenissen met dat van Irwin. Zowel Treadwell als Irwin hebben gezocht naar een eigen domein of reservaat om hun leefwereld in stand te kunnen houden. In hun wereld heerste een ijzersterke logica die zij het best beheersten. Ze waren de gidsen, leiders, messiassen.

Hun fascinatie ging uit naar een dier dat een oerkracht vertegenwoordigd, een oerkracht waar zij duidelijk meer van begrepen dan anderen. Ze beseften allebei dat die kracht gevaarlijk was en meedogenloos, dat die kracht geen rekening zou houden met hun fascinatie en hun liefde voor de natuur.

En toch, toch is er die onuitgesproken hoop dat er een evenwicht is, dat er een vorm is van wederzijds respect. Treadwell ging zo ver dat hij de grizzlies fysiek begon aan te raken. Irwin ging bovenop de krokodillen liggen. Een keer voederde hij zo'n beest zelfs met z'n pasgeboren zoon op zijn arm. Het incident veroorzaakte een storm van protest.

Het fascinerende aan de documentaire van Herzog is dat het even duurt voor je vermoedt dat dit geen fictie is. Of beter, je wilt niet geloven dat iemand zo fanatiek kan opgaan in zijn eigen fantasie. Het plaatje is zo ongelooflijk absurd, maar in zijn absurdisme zo compleet. De getuigen zijn zo waanzinnig, hun verhalen, hun mimiek en vooral de onvoorwaardelijke liefde van een aantal mensen voor hun held Treadwell zijn er zo over dat je blijft vermoeden dat het in scène is gezet. En dat is het ook. Alleen is het niet in scène gezet voor deze film of door de film. Het is in scène gezet in het leven. Het is echt "net echt".

De gruwelijke details over de dood van Treadwell en zijn vriendin doen je maag omkeren. Niet omdat je beelden ziet of foto's. Er wordt enkel over verteld, door de man die de lijken ontdekte, door de lijkschouwer (een akelig onderkoelde man). In een scène zie je hoe Herzog naar een geluidsopname luistert van Treadwells doodsstrijd, daarna het bandje overhandigt aan een ex-vriendin van Tim en vervolgens zegt dat ze er nooit naar mag luisteren. Die stilte is akeliger dan het fragment zelf.

Het lijkt een goedkope poging van Herzog om de mythe rond Treadwell onnodig in stand te houden. Hij is toch een onderzoeker? Wat Herzog doet, is een eerbetoon brengen. Hij laat het verhaal van Timothy Treadwell over aan Timothy Treadwell en zijn vrienden. Dat is het belangrijkste, dat is het meest betekenisvolle: hoe Treadwell de mythe Treadwell zelf creëerde en hoe zijn vrienden die mythe in stand houden. Dat het een waanzinnig verhaal is, daar kom je als kijker zelf wel achter.

Herzogs film is een meesterwerkje, uitgebalanceerd en knap gemonteerd. Het BBC-verslagje van gisteren was dat ook. Al zullen ze er zich bij de BBC niet helemaal van bewust zijn dat ze een mini-versie van Herzogs film gemaakt hebben. Ik zie de korte bijdrage ook niet in Cannes op het scherm verschijnen, die beelden van Irwin, vermengd met het surreële, heroiserende commentaar van de getuigen, de nuchtere wetenschapper die tegengas geeft en de laatste getuige die als orgelpunt de lofzang nog eens heft.

Alleen, de akoestiek van een journaal is anders dan de akoestiek die Grizzly Man genoot in de filmzaal. De echo van het verhaal van Irwin is geen nagalmen. Het is gefluister, een mengeling van oohs en aahs die het nieuwtje verder vertellen, een beetje pantomime, een beetje melodrama, een beetje soap. Het verhaal van Treadwell, zoals het verteld wordt door Herzog, zindert na in de leegte, van het landschap, van de levens van zijn vrienden, van de montagekamer van de filmmaker. De fictie is weg. Treadwells rijk is weg. De vlakte in Alaska blijft bestaan. De beren brullen. De beren zwijgen. Ik zwijg.

Wanneer ik de televisie uitschakel, blijf ik nog even zitten staren naar het zwarte scherm. Deze film is even echt. Hoe onzinnig, die fictie, die feiten. Benieuwd of literatuur ook zo hard kan bijten. Wat denk jij, Antonin?

--
Posted By Arne S. to Kritiek - Kunst-en Cultuurkritiek at 9/05/2006 02:43:00 AM

4 Jij krijgt het laatste woord.:

Bertus Pieters zei

Arne, bij deze enige losse flodders als reactie.

Ik heb dat gedoe van die Irwin met die reptielen toch altijd een beetje vreemd en vermoeiend gevonden. Kon 'ie zo'n krokodil nu niet gewoon in zijn poel laten liggen? Is de ware dierenliefde nu dat je overal waar het maar even kan, circusje gaat spelen? Leuk dat zo iemand dat doet, als ik het maar niet hoef te zien. Ik geef onmiddellijk toe dat krokodillen fascinerende beesten zijn, die een bijzonder respect nodig hebben, buiten het respect dat ze afdwingen met hun uiterlijk. Mij ontgaat één en andermaal waarom liefde voor de natuur zich moet uiten in het aanraken van dieren, het knuffelen, het stoeien en worstelen. Dat is geen liefde voor dieren, dat is liefde voor knuffelen, stoeien en worstelen.

Ik heb het niet gezien, het BBC nieuws, maar eerlijk gezegd vind ik zowel Howard als die wetenschapper verdacht in dit verband. Wat Howard betreft - die nare, ranzige koloniaal -, hij zou zoiets vijftig jaar geleden ook gezegd hebben over de eerste de beste trofeejager (en is Irwin in feite wat anders?). En wat die persoon betreft die je een wetenschapper noemt: inderdaad, de dood heeft - wanneer het om een ongeval gaat - zelden iets voorspelbaars. Irwin is tenslotte niet opgegeten door een krokodil.

Die beren van Timothy Treadwell begrepen mijns inziens niets van de liefdevolle gevoelens van onze Tim. De beren tolereerden hem, dat was alles. En die vosjes waren heel jong nog speels, maar daarna gewoon bedelaars. Het doet mij denken aan een Noorse studiegenoot die mij (met een fraai Noors accent) ooit vertelde over Greenpeace:"Die Jreenpeace sekt: die aisbiere sain lief, die kuun je oaie. Die Jreenpeace is stoem: die aisbiere sain foantoasties jefoarlijk." En waarom moet de natuur bij het grote publiek toch altijd aan de man gebracht worden, alsof het één groot paradijs is met opzittende schoothondjes?

Ik moest bij de film van Herzog, net als jij, ook denken aan onze Australische crocodylofiel. Beide vertonen die ongerijmde, nietsontziende dierenliefde. Maar daar staat tegenover dat Irwin nog een voet in de maatschappij had en die voet ook gebruikte. Hij ondernam, op zijn wijze, iets wat maatschappelijk nuttig was voor het voortbestaan van de Australische fauna. Maar Treadwell filmde zichzelf alleen maar wild camperend en deed dingen die uiteindelijk niet in het voordeel van de beren waren.

Een ander groot verschil tussen Treadwell en Irwin was dat Treadwell juist níét besefte dat de meedogenloze kracht van die beren geen rekening zou houden met zijn fascinatie en liefde voor de natuur. Herzog vertelt in de film over Timothy die ervan overtuigd was dat die beren aardig en lief waren en sympathei voor hem hadden, hij zag het in hun blik. Herzog zegt dan dat hij zelf alleen maar medeogenloosheid in de ogen van een beer zag. Dat is de tweeslachtigheid van Herzog: enerzijds de fascinatie - ja, sympathie - voor iemand die zo tussen woeste dieren leefde, en anderzijds het niet begrijpen daarvan. Die tweeslachtigheid maakt de film zelf ook fascinerend. En maakt de film ook tot een ego document over Herzog en daarmee ook herkenbaar voor een publiek dat allerlei registers opengetrokken voelt in de film: sympathie, antipathie, egocentrie, liefde, schaamte, woede, schoonheidsbeleving, sensatiezucht.

Herzog doet trouwens meer dan alleen de vrienden van Treadweel het woord geven. Hij interviewt bijvoorbeeld ook iemand van een museum in Alaska; een Eskimo die het op een heel andere manier over respect voor beren heeft. Iemand die haarscherp en in een paar woorden de condities weergeeft voor een samenbestaan van mensen en beren. Dat is meer: de beren kennen en ze daarom laten waar ze zijn en je er afzijdig van houden.

Herzog ziet mijns inziens ook de bijna archaïsche sfeer in de unieke beelden die Treadwell van de beren vastlegde. Maar ook: de opnames van Treadwell, met hemzelf als het middelpunt van de wereld, bevolkt door beren, die hij zal redden, wanneer zij zijn liefde zullen accepteren. En wanneer wij zijn liefde zullen accepteren, want liefde is hier waarheid. De vergelijking komt bij mij op van de Amerikaan die de wereld zal redden wanneer de mensen zich maar bewust zijn van zijn liefde. Maar dat is - toegegeven - een erg ongenuanceerd antiamerikanisme.

Kan literatuur ook zo hard bijten? Kan kunst in het algemeen ook zo hard bijten? Kun je leven en sterven in de kunst? Ja,dat kan: zie Picasso.

Daarnaast is er in Herzogs film ook een vorm van herkenning: bij de hysterische aanbidding van de vrienden, bij de nuchtere Eskimo maar ook bij de allesverschroeiende liefde van Treadwell. Het deed me ook denken aan het het lijdensverhaal van Jezus. Kan kunst bijten? De film van Herzog is een kunstwerk en heeft jou al gebeten. En mij ook.

Groet,
Bertus Pieters

Arne S. zei

Hey Bertus,

scherpe analyse. Correct ook. De verschillen tussen Irwin en Treadwell zijn net zo talrijk als de gelijkenissen.

Irwin bracht de mensen naar zijn spektakel, Treadwell hield ze liefst zo ver mogelijk bij zijn beren vandaan.

Maar allebei hadden ze die drang om hun boodschap te verkondigen. En allebei zijn ze in hun zoektocht naar de perfecte aanraking van de natuur ten onder gegaan.

Artaud had iets gelijkaardigs. Hij ging op zoek naar de oertaal, naar het allerwoestste, het meest primitieve van de communicatie. Die zoektocht is hem fataal geworden. Dat, en zijn ziekte. Of is dat net zijn ziekte geweest?

Die dunne lijn tussen fascinatie en ziekelijke obsessie loopt door alle drie de verhalen.

Het egocentrisme is bij Treadwell oneindig veel groter dan bij Irwin of Artaud, maar wat ze allemaal gemeen hebben is hun altruisme.

Die strijd die zich afspeelt tussen egomegalomanie en messianistisch altruisme is het boeiendste van al deze verhalen. Het is wat hen samenbrengt en wat hen van elkaar ook onderscheidt.

Herzog is een meesterverteller. Hij zet het verhaal van Treadwell, zijn videodagboeken, lijnrecht tegenover de buitenwereld.

Van die strijd wordt verslag gedaan in het kunstwerk van Herzog, in de teksten van Artaud ook, en wie weet, een beetje in ieder kunstwerk.

Het herinnert me aan wat een bevriend psycholoog met vertelde over Levinas en de betekenis van de Ander. Levinas was er volgens hem van overtuigd dat je de Ander in zijn waarde moest laten. Omdat dat nogal abstract is, gaf hij het volgende voorbeeld.

Stel, je hebt een feestje en er klopt iemand aan die hulp nodig heeft. Dan kun je drie dingen doen:
1. Je negeert het geklop.
2. Je doet de deur open en zegt dat persoon x binnen moet komen en mag meefeesten.
3. Je doet de deur open, luistert naar 's mans verhaal en probeert verder op weg te helpen.

Alleen in de derde situatie is er respect voor de Ander. Bij de eerste negeer je de ander, bij de tweede probeer je de Ander te consolideren.

Herzog heeft respect voor die Ander. Maar hoe zit het met Treadwell, Irwin en Artaud? Iemand enig idee?

Anoniem zei

… emmeren is ook een werkwoord.

Arne S. zei

Als je niets wezenlijkers hebt te vertellen, heb ik liever dat je niks post.