28.1.07

verssporen: oxivanish

het geurt naar zondagochtend
je twijfelt weet nog niet met welk waspoeder je lakens wassen

je zachtwitte satijnen slip waarin je het verlangen nog ziet spannen
leidt je blik van je handen naar de vloer een merel die wegstuitert

brengt je weer bij de les

zenuwen spieren chemische stoffen gaan een onontwarbare knoop aan:
je propt het wasgoed in de trommel
kiest oxivanish voor vernieuwing en antiherinnering onkreukbaar

de glimlach in de plooien onder je vingertoppen zal op het moment dat je de deur uitgaat
je mondhoeken bereiken

zo onbeslist
dit bed
ik wil niet verzaken
aan het vluchten met jou geen sporen achterlaten
en draai me om

als in de hoop dat het verleden op vandaag vooruit zal blijven lopen
bemerk al snel dat enkel de terugkeer een toekomst heeft
wat je gehad hebt, kun je houden

ik lees het zonder veel verbeelding van je met fluister beslapen lippen
de echo, het geritsel van de lakens, de met verstomming geslagen kleren
gordijnen die beter weten geen deur geen raam geen muur geen mogelijkheid
om de ochtend de rug toe te keren je loopt

vóór de stier de arena uit en wacht

tot een muur je frontaal op de horens neemt

verrader

je hand glijdt naar de plaats waar laatst mijn hart lag
als alles goed gaat
en ik verloop volgens plan
kom ik je zonder omwegen
nooit meer tegen

0 Jij krijgt het laatste woord.: